BWBV0005188
Geldig vanaf 13-12-2015
Artikel 11
Vrijhandelsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Korea, anderzijds
1. Wanneer bij de vervaardiging van een product identieke en onderling verwisselbare van oorsprong zijnde en niet van oorsprong zijnde materialen worden gebruikt, worden die materialen tijdens de opslag naargelang van hun oorsprong fysiek gescheiden.
2. Wanneer het aanhouden van gescheiden voorraden van bij de vervaardiging van een product gebruikte identieke en onderling verwisselbare van oorsprong zijnde en niet van oorsprong zijnde materialen met aanzienlijke kosten of moeilijkheden gepaard gaat, mag de producent voor het beheer van deze voorraden de methode van de gescheiden boekhouding gebruiken.
3. Deze methode wordt geregistreerd en toegepast in overeenstemming met de algemeen aanvaarde boekhoudbeginselen die van toepassing zijn in de partij waar het product wordt vervaardigd.
4. Met deze methode moet het mogelijk zijn ervoor te zorgen dat in een specifieke referentieperiode niet meer producten de oorsprongsstatus verwerven dan het geval zou zijn geweest wanneer de materialen wel fysiek waren gescheiden.
5. Een partij mag eisen dat de douaneautoriteiten vooraf toestemming verlenen voor de toepassing van de in dit artikel bedoelde methode voor het beheer van de voorraden. In dat geval mogen de douaneautoriteiten aan een vergunning alle voorwaarden verbinden die zij passend achten, en houden zij toezicht op het gebruik van de vergunning; zij mogen de vergunning op elk moment intrekken wanneer de begunstigde er op enigerlei wijze oneigenlijk gebruik van maakt of niet voldoet aan de andere voorwaarden in dit protocol.
2. Wanneer het aanhouden van gescheiden voorraden van bij de vervaardiging van een product gebruikte identieke en onderling verwisselbare van oorsprong zijnde en niet van oorsprong zijnde materialen met aanzienlijke kosten of moeilijkheden gepaard gaat, mag de producent voor het beheer van deze voorraden de methode van de gescheiden boekhouding gebruiken.
3. Deze methode wordt geregistreerd en toegepast in overeenstemming met de algemeen aanvaarde boekhoudbeginselen die van toepassing zijn in de partij waar het product wordt vervaardigd.
4. Met deze methode moet het mogelijk zijn ervoor te zorgen dat in een specifieke referentieperiode niet meer producten de oorsprongsstatus verwerven dan het geval zou zijn geweest wanneer de materialen wel fysiek waren gescheiden.
5. Een partij mag eisen dat de douaneautoriteiten vooraf toestemming verlenen voor de toepassing van de in dit artikel bedoelde methode voor het beheer van de voorraden. In dat geval mogen de douaneautoriteiten aan een vergunning alle voorwaarden verbinden die zij passend achten, en houden zij toezicht op het gebruik van de vergunning; zij mogen de vergunning op elk moment intrekken wanneer de begunstigde er op enigerlei wijze oneigenlijk gebruik van maakt of niet voldoet aan de andere voorwaarden in dit protocol.
- Citeren als
- Art. 11
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0005188
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl