BWBV0005042
Geldig vanaf 01-08-1963
Artikel § 23
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland nopens het verloop van de gemeenschappelijke landgrens, de grenswateren, het grondbezit in de nabijheid van de grens, het grensoverschrijdende verkeer over land en via de binnenwateren en andere met de grens verband houdende vraagstukken, met Bijlagen en Slotprotocol (Grensverdrag)
De grens loopt van grenssteen 626 tot grenssteen 626IX als de oude grens. Van hier loopt de nieuwe grens in rechte lijn naar grenssteen 628. Van hier loopt de grens als de oude grens tot een holle weg ongeveer 100 m ten noordwesten van grenssteen 629bis De nieuwe grens volgt van hier de noordwestzijde van de holle weg in noordoostelijke richting tot de hoek van het bos. Van hier loopt zij langs de bosrand via vijf knikpunten naar een vooruitspringende hoek van het bos, die ongeveer 400 m ten noordwesten van de hoek van het bos bij de holle weg ligt, en van hier in rechte lijn verder langs de noordwestzijde van een pad tot waar dit uitkomt op de weg van Vogelsang naar de voormalige schietbaan. Van hier volgt zij de bosrand eerst in zuidoostelijke, vervolgens in noordoostelijke en dan wederom in zuidoostelijke richting en doorsnijdt in het verlengde van de laatstgenoemde bosrand een vooruitspringend bosgedeelte tot aan een pad. Van hier volgt zij wederom de bosrand in noordoostelijke, vervolgens in zuidoostelijke en dan wederom in noordoostelijke richting tot de beboste helling boven het Wylermeer, ongeveer 250 m ten noordwesten van de hofstede Vogelsang. Deze helling in noordoostelijke richting kruisend loopt zij tot in het Wylermeer; vervolgens loopt zij in het midden van het meer tot de zuidoostelijke voet van de Querdamm. Van hier volgt zij de voet van de dam in noordoostelijke richting tot waar de dam een gaping vertoont, loopt om het eind van de dam in noordwestelijke richting om, steekt vervolgens het Wylermeer over en volgt verder in rechte lijn de noordwestzijde van de Querdamm tot de oude grens tussen de grensstenen 642 en 643.
1. Voor de weg van Wyler/Lagewald naar Berg en Dal, voorzover deze langs Duits grondgebied loopt, wordt aan de in de Bondsrepubliek Duitsland wonende grensbevolking en aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
2. Voor het gedeelte van de weg Wyler-Beek tussen Lagewald en de nieuwe grens wordt aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
3. Aan de in het Koninkrijk der Nederlanden wonende grensbevolking wordt overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend: a) voor het gedeelte van de weg Wyler-Beek ten noordwesten van Vogelsang tot aan de nieuwe grens;
b) voor het tot het Duitse grondgebied behorende gedeelte van de weg van Vogelsang naar de voormalige schietbaan;
c) voor het tot het Duitse grondgebied behorende gedeelte van de holle weg die ongeveer 100 m ten noordwesten van grenssteen 629bis in noordoostelijke richting af takt van de weg van Lagewald naar Berg en Dal en die na ongeveer 425 m de onder b genoemde weg kruist.
a) voor het gedeelte van de weg Wyler-Beek ten noordwesten van Vogelsang tot aan de nieuwe grens;
b) voor het tot het Duitse grondgebied behorende gedeelte van de weg van Vogelsang naar de voormalige schietbaan;
c) voor het tot het Duitse grondgebied behorende gedeelte van de holle weg die ongeveer 100 m ten noordwesten van grenssteen 629bis in noordoostelijke richting af takt van de weg van Lagewald naar Berg en Dal en die na ongeveer 425 m de onder b genoemde weg kruist.
4. Voor de in lid 3 onder b en c omschreven weggedeelten wordt aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
5. Voor het gedeelte van de weg Wyler-Beek ten westen van de nieuwe grens tot aan de Querdamm alsmede voor het tot het Nederlandse grondgebied behorende stuk van de Querdamm wordt aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
6. Voor de verbinding over Duits grondgebied tussen het Nederlandse en het Duitse stuk van de Querdamm alsmede voor het tot het Duitse grondgebied behorende stuk van de Querdamm wordt aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
7. Vóór het einde van het jaar 1965 verbetert de Bondsrepubliek Duitsland de „Bundesstrasse 9” op het gedeelte ten zuidwesten van het Wylermeer en legt zij langs de noordoostrand van het dorp Wyler een nieuw gedeelte aan tussen het zuidoostelijke einde van het Wylermeer en grenssteen 623. Deze werken worden uitgevoerd op grond van een plan dat zal worden vastgesteld in overleg tussen de terzake van wegenaanleg bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen met medewerking van de douane-administraties.
8. Het Koninkrijk der Nederlanden staat binnen het kader van de Nederlandse wetgeving het nemen van alle maatregelen toe, die vereist zijn voor het onderhoud en het gebruik van het Wylermeer, voorzover dit op Nederlands grondgebied ligt.
1. Voor de weg van Wyler/Lagewald naar Berg en Dal, voorzover deze langs Duits grondgebied loopt, wordt aan de in de Bondsrepubliek Duitsland wonende grensbevolking en aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
2. Voor het gedeelte van de weg Wyler-Beek tussen Lagewald en de nieuwe grens wordt aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
3. Aan de in het Koninkrijk der Nederlanden wonende grensbevolking wordt overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend: a) voor het gedeelte van de weg Wyler-Beek ten noordwesten van Vogelsang tot aan de nieuwe grens;
b) voor het tot het Duitse grondgebied behorende gedeelte van de weg van Vogelsang naar de voormalige schietbaan;
c) voor het tot het Duitse grondgebied behorende gedeelte van de holle weg die ongeveer 100 m ten noordwesten van grenssteen 629bis in noordoostelijke richting af takt van de weg van Lagewald naar Berg en Dal en die na ongeveer 425 m de onder b genoemde weg kruist.
a) voor het gedeelte van de weg Wyler-Beek ten noordwesten van Vogelsang tot aan de nieuwe grens;
b) voor het tot het Duitse grondgebied behorende gedeelte van de weg van Vogelsang naar de voormalige schietbaan;
c) voor het tot het Duitse grondgebied behorende gedeelte van de holle weg die ongeveer 100 m ten noordwesten van grenssteen 629bis in noordoostelijke richting af takt van de weg van Lagewald naar Berg en Dal en die na ongeveer 425 m de onder b genoemde weg kruist.
4. Voor de in lid 3 onder b en c omschreven weggedeelten wordt aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
5. Voor het gedeelte van de weg Wyler-Beek ten westen van de nieuwe grens tot aan de Querdamm alsmede voor het tot het Nederlandse grondgebied behorende stuk van de Querdamm wordt aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
6. Voor de verbinding over Duits grondgebied tussen het Nederlandse en het Duitse stuk van de Querdamm alsmede voor het tot het Duitse grondgebied behorende stuk van de Querdamm wordt aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
7. Vóór het einde van het jaar 1965 verbetert de Bondsrepubliek Duitsland de „Bundesstrasse 9” op het gedeelte ten zuidwesten van het Wylermeer en legt zij langs de noordoostrand van het dorp Wyler een nieuw gedeelte aan tussen het zuidoostelijke einde van het Wylermeer en grenssteen 623. Deze werken worden uitgevoerd op grond van een plan dat zal worden vastgesteld in overleg tussen de terzake van wegenaanleg bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen met medewerking van de douane-administraties.
8. Het Koninkrijk der Nederlanden staat binnen het kader van de Nederlandse wetgeving het nemen van alle maatregelen toe, die vereist zijn voor het onderhoud en het gebruik van het Wylermeer, voorzover dit op Nederlands grondgebied ligt.
- Citeren als
- Art. § 23
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0005042
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl