BWBV0005042
Geldig vanaf 01-08-1963
Artikel § 12
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland nopens het verloop van de gemeenschappelijke landgrens, de grenswateren, het grondbezit in de nabijheid van de grens, het grensoverschrijdende verkeer over land en via de binnenwateren en andere met de grens verband houdende vraagstukken, met Bijlagen en Slotprotocol (Grensverdrag)
Van een punt in het midden van de oude Roode Beek ongeveer 45 m ten zuidoosten van de straatweg van Sittard naar Tudderen, waar de Roode Beek in noordelijke richting afbuigt, loopt de nieuwe grens in noordwestelijke richting in het verlengde van de oude grens tot het snijpunt met de noordwestzijde van de genoemde straatweg. Van hier loopt zij ongeveer 340 m in rechte lijn naar een punt dat gelegen is aan de zuidoostzijde van een van Tudderen naar de weilanden bij de Roode Beek lopende landweg en ongeveer 230 m ten noordoosten van het midden van de genormaliseerde Roode Beek. Van hier loopt zij ongeveer 205 m in rechte lijn naar een punt op de noordelijke oever van de oude Roode Beek, dat ongeveer 90 m van het midden van de genormaliseerde Roode Beek ligt, en van hier naar een punt in het midden van de genormaliseerde Roode Beek ongeveer 570 m ten noordwesten van de kruising van de genormaliseerde Roode Beek met de straatweg van Sittard naar Tudderen. Zij volgt daarna over een afstand van ongeveer 50 m het midden van de genormaliseerde Roode Beek tot het snijpunt met de oude grens in de oude loop van de Roode Beek.
1. Tot waarborging van de afwatering voor de plaats Tudderen verplicht het Koninkrijk der Nederlanden zich a) de oude Roode Beek - voor zover zij op Nederlands gebied nog bestaat - van grenssteen 305 tot aan de nieuwe afwateringssloot die 320 m stroomafwaarts van de straatweg van Sittard naar Tudderen uitmondt in de Roode Beek,
b) de sloot die aan de noordwestzijde langs de straatweg van Sittard naar Tudderen loopt, alsmede de onder a genoemde nieuwe afwateringssloot te laten bestaan.
a) de oude Roode Beek - voor zover zij op Nederlands gebied nog bestaat - van grenssteen 305 tot aan de nieuwe afwateringssloot die 320 m stroomafwaarts van de straatweg van Sittard naar Tudderen uitmondt in de Roode Beek,
b) de sloot die aan de noordwestzijde langs de straatweg van Sittard naar Tudderen loopt, alsmede de onder a genoemde nieuwe afwateringssloot
2. De door het Waterschap van de Geleen- en Molenbeek met zijtakken aan de plaats Tudderen verleende vergunning van 25 januari 1960 tot het afvoeren van water in de Roode Beek blijft van kracht. Voor iedere verandering van de bestaande toestand, die een grotere belasting voor de Roode Beek en de bovengenoemde sloot langs de straatweg ten gevolge zou hebben, moet opnieuw vergunning worden gevraagd.
3. De bovengenoemde bedingen gelden zo lang, totdat voor de afwateringssituatie aan Duitse zijde in het kader van een ruilverkaveling een nieuwe regeling is getroffen, ten hoogste echter gedurende vijf jaar.
1. Tot waarborging van de afwatering voor de plaats Tudderen verplicht het Koninkrijk der Nederlanden zich a) de oude Roode Beek - voor zover zij op Nederlands gebied nog bestaat - van grenssteen 305 tot aan de nieuwe afwateringssloot die 320 m stroomafwaarts van de straatweg van Sittard naar Tudderen uitmondt in de Roode Beek,
b) de sloot die aan de noordwestzijde langs de straatweg van Sittard naar Tudderen loopt, alsmede de onder a genoemde nieuwe afwateringssloot te laten bestaan.
a) de oude Roode Beek - voor zover zij op Nederlands gebied nog bestaat - van grenssteen 305 tot aan de nieuwe afwateringssloot die 320 m stroomafwaarts van de straatweg van Sittard naar Tudderen uitmondt in de Roode Beek,
b) de sloot die aan de noordwestzijde langs de straatweg van Sittard naar Tudderen loopt, alsmede de onder a genoemde nieuwe afwateringssloot
2. De door het Waterschap van de Geleen- en Molenbeek met zijtakken aan de plaats Tudderen verleende vergunning van 25 januari 1960 tot het afvoeren van water in de Roode Beek blijft van kracht. Voor iedere verandering van de bestaande toestand, die een grotere belasting voor de Roode Beek en de bovengenoemde sloot langs de straatweg ten gevolge zou hebben, moet opnieuw vergunning worden gevraagd.
3. De bovengenoemde bedingen gelden zo lang, totdat voor de afwateringssituatie aan Duitse zijde in het kader van een ruilverkaveling een nieuwe regeling is getroffen, ten hoogste echter gedurende vijf jaar.
- Citeren als
- Art. § 12
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0005042
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl