BWBV0004701
Geldig vanaf 01-03-1986
Artikel Enig
Aanvullend Protocol bij de op 12 september 1963 te Ankara ondertekende Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en Turkije
1. In afwijking van de artikelen 9 en 21 tot en met 30 van het Aanvullend Protocol, kunnen de hierna genoemde, in Turkije geraffineerde, produkten met vrijdom van douanerechten in de Gemeenschap worden ingevoerd, binnen de grenzen van een globaal jaarlijks communautair tariefcontingent van 340 000 ton:
[tabel]
(a) Indeling onder deze onderverdeling is onderworpen aan de voorwaarden en bepalingen, vast te stellen door de bevoegde autoriteiten.
2. De Gemeenschap behoudt zich het recht voor, de in lid 1 omschreven regeling te wijzigen:
- bij de aanneming van een gemeenschappelijke definitie van de oorsprong voor aardolieprodukten uit derde landen en uit de geassocieerde Staten;
- bij het nemen van beslissingen in het kader van een gemeenschappelijke handelspolitiek;
- bij de totstandbrenging van een gemeenschappelijk energiebeleid.
In dat geval verleent de Gemeenschap voor de invoer van de in lid 1 genoemde produkten voordelen welke gelijkwaardig zijn aan die waarin in lid 1 is voorzien.
3. In de Associatieraad kan overleg plaatsvinden over de krachtens lid 2 genomen maatregelen.
4. Indien de Gemeenschap binnen drie jaar geen maatregelen heeft vastgesteld krachtens lid 2, kan de Associatieraad het niveau van het in lid 1 genoemde contingent opnieuw bezien.
5. Behoudens het bepaalde in de leden 1 en 2, doen de bepalingen van het Aanvullend Protocol geen afbreuk aan de regelingen welke van toepassing zijn bij de invoer van aardolieprodukten.
[tabel]
(a) Indeling onder deze onderverdeling is onderworpen aan de voorwaarden en bepalingen, vast te stellen door de bevoegde autoriteiten.
2. De Gemeenschap behoudt zich het recht voor, de in lid 1 omschreven regeling te wijzigen:
- bij de aanneming van een gemeenschappelijke definitie van de oorsprong voor aardolieprodukten uit derde landen en uit de geassocieerde Staten;
- bij het nemen van beslissingen in het kader van een gemeenschappelijke handelspolitiek;
- bij de totstandbrenging van een gemeenschappelijk energiebeleid.
In dat geval verleent de Gemeenschap voor de invoer van de in lid 1 genoemde produkten voordelen welke gelijkwaardig zijn aan die waarin in lid 1 is voorzien.
3. In de Associatieraad kan overleg plaatsvinden over de krachtens lid 2 genomen maatregelen.
4. Indien de Gemeenschap binnen drie jaar geen maatregelen heeft vastgesteld krachtens lid 2, kan de Associatieraad het niveau van het in lid 1 genoemde contingent opnieuw bezien.
5. Behoudens het bepaalde in de leden 1 en 2, doen de bepalingen van het Aanvullend Protocol geen afbreuk aan de regelingen welke van toepassing zijn bij de invoer van aardolieprodukten.
- Citeren als
- Art. Enig
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0004701
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl