De Regeringen van de Overeenkomstsluitende Staten plegen overleg inzake de wijze waarop een derde Staat, die tot de inwerkingtreding van deze overeenkomst aan de Centrale Commissie heeft deelgenomen, zal blijven deelnemen aan de Centrale Commissie met rechten analoog aan die welk hij voordien genoot en met verplichtingen die te vergelijken zijn met de verplichtingen die hij te voren had.
Deze derde Staat zal de rechten en verplichtingen hebben van een Overeenkomstsluitende Staat, zoals deze met de Regeringen van de Overeenkomstsluitende Staten overeengekomen worden.
De bepalingen van de Rijnvaartakte alsmede de latere wijzigingen, voor zover deze tegenwoordig van kracht zijn en niet zijn vervallen of gewijzigd door deze Overeenkomst, zijn bestanddeel van deze Overeenkomst.
Deze Overeenkomst dient te worden bekrachtigd.
De akten van bekrachtiging worden zo spoedig mogelijk nedergelegd bij het Secretariaat van de Centrale Commissie teneinde in haar archief te worden bewaard.
De Secretaris-Generaal maakt een proces-verbaal van de nederlegging der akten van bekrachtiging op; hij zendt aan iedere ondertekenende Staat een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van de akten van bekrachtiging, alsmede van het proces-verbaal van de nederlegging.
Deze Overeenkomst treedt in werking op de dag na de nederlegging van de zesde akte van bekrachtiging bij het Secretariaat van de Centrale Commissie, dat de andere ondertekenende Staten hiervan in kennis zal stellen.
Deze Overeenkomst, opgesteld in een enkel exemplaar in de Duitse, de Franse en de Nederlandse taal, wordt bewaard in het archief van de Centrale Commissie; in geval van verschil is de Franse tekst doorslaggevend.
Een door de Secretaris-Generaal voor eensluidend gewaarmerkt afschrift wordt toegezonden aan iedere Overeenkomstsluitende Staat.