Artikel 1
De Overeenkomstsluitende Partijen streven ernaar, binnen het kader van hun onderscheiden wetten en voorschriften en met inachtneming van hun internationale verplichtingen, op basis van wederzijds voordeel de economische en technologische samenwerking tussen de twee landen te bevorderen op de gebieden, die bijdragen tot de ontwikkeling van hun economie.