Artikel 1.1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. staatssecretaris: de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid;
b. vrijwilliger: een persoon die de activiteiten, bedoeld in artikel 1.6, op vrijwillige basis zonder financieel gewin uitvoert in georganiseerd verband;
c. DJI: de Dienst Justitiële Inrichtingen;
d. justitiabele: 1° de gedetineerde in de zin van de Penitentiaire beginselenwet;
2° de verpleegde in de zin van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;
3° de jeugdige in de zin van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen of
4° de onder 1°, 2° en 3° genoemde personen gedurende 6 maanden na hun ontslag uit detentie of andere wijze van vrijheidsbeneming.
1° de gedetineerde in de zin van de Penitentiaire beginselenwet;
2° de verpleegde in de zin van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;
3° de jeugdige in de zin van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen of
4° de onder 1°, 2° en 3° genoemde personen gedurende 6 maanden na hun ontslag uit detentie of andere wijze van vrijheidsbeneming.
e. inrichting: 1° de inrichting in de zin van de Penitentiaire beginselenwet;
2° de inrichting in de zin van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;
3° de inrichting in de zin van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen.
1° de inrichting in de zin van de Penitentiaire beginselenwet;
2° de inrichting in de zin van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;
3° de inrichting in de zin van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen.
f. cofinanciering: de aantoonbare additionele inkomsten ten behoeve van het aangevraagde subsidiebedrag voor de activiteiten, bedoeld in artikel 1.6, dat buiten de rijksoverheid is toegezegd en verkregen dan wel uit eigen middelen van de subsidieontvanger is ingezet.
a. staatssecretaris: de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid;
b. vrijwilliger: een persoon die de activiteiten, bedoeld in artikel 1.6, op vrijwillige basis zonder financieel gewin uitvoert in georganiseerd verband;
c. DJI: de Dienst Justitiële Inrichtingen;
d. justitiabele: 1° de gedetineerde in de zin van de Penitentiaire beginselenwet;
2° de verpleegde in de zin van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;
3° de jeugdige in de zin van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen of
4° de onder 1°, 2° en 3° genoemde personen gedurende 6 maanden na hun ontslag uit detentie of andere wijze van vrijheidsbeneming.
1° de gedetineerde in de zin van de Penitentiaire beginselenwet;
2° de verpleegde in de zin van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;
3° de jeugdige in de zin van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen of
4° de onder 1°, 2° en 3° genoemde personen gedurende 6 maanden na hun ontslag uit detentie of andere wijze van vrijheidsbeneming.
e. inrichting: 1° de inrichting in de zin van de Penitentiaire beginselenwet;
2° de inrichting in de zin van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;
3° de inrichting in de zin van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen.
1° de inrichting in de zin van de Penitentiaire beginselenwet;
2° de inrichting in de zin van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;
3° de inrichting in de zin van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen.
f. cofinanciering: de aantoonbare additionele inkomsten ten behoeve van het aangevraagde subsidiebedrag voor de activiteiten, bedoeld in artikel 1.6, dat buiten de rijksoverheid is toegezegd en verkregen dan wel uit eigen middelen van de subsidieontvanger is ingezet.