BWBR0050739
Geldig vanaf 2025-02-04
Artikel 2.4
Uitvoeringswet digitaledienstenverordening
1. De Autoriteit Consument en Markt is bevoegd tot oplegging van een last onder dwangsom van ten hoogste het bedrag, genoemd in artikel 52, vierde lid, van de digitaledienstenverordening, ter handhaving van de bepalingen genoemd in artikel 2.2, eerste en tweede lid.
2. De last onder dwangsom, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0033043/artikel/12m" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 12m, derde lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument</a>, bedraagt ten hoogste het bedrag, genoemd in artikel 52, vierde lid, van de digitaledienstenverordening, indien de last onder dwangsom wordt opgelegd in het kader van de uitvoering van een taak die bij of krachtens deze wet aan de Autoriteit Consument en Markt is opgedragen.
2. De last onder dwangsom, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0033043/artikel/12m" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 12m, derde lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument</a>, bedraagt ten hoogste het bedrag, genoemd in artikel 52, vierde lid, van de digitaledienstenverordening, indien de last onder dwangsom wordt opgelegd in het kader van de uitvoering van een taak die bij of krachtens deze wet aan de Autoriteit Consument en Markt is opgedragen.