Artikel 1
Voor de behandeling in hoger beroep van strafzaken die aanhangig zijn gemaakt bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, worden het gerechtshof Amsterdam en het gerechtshof ’s-Hertogenbosch aangewezen als gerechtshoven waarvan de zittingsplaatsen onderscheidenlijk overige zittingsplaatsen tijdelijk mede worden aangemerkt als zittingsplaatsen onderscheidenlijk overige zittingsplaatsen van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, als bedoeld in artikel 62a, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie.