BWBR0050215
Artikel 5
Beleidsregel innovatie voor kleinschalige experimenten
1 De innovatieve zorgprestatie wordt door de experimenteerpartijen gezamenlijk aangevraagd
bij de NZa. Op de website van de NZa is hiervoor een format experimentovereenkomst ter beschikking gesteld.
2 Bij de gezamenlijke aanvraag wordt een experimentovereenkomst met de volgende onderdelen
bijgesloten:
a. Een concrete en eenduidige omschrijving van de innovatieve zorgprestatie(s);
b. Een beschrijving van het innovatieve karakter van de zorgprestatie en waarom dit een
nieuwe zorgprestatie betreft of waarom (de) huidige zorgprestatie(s) belemmerend is
(zijn) voor de uitvoering van het aangevraagde experiment;
c. De meetbare doelstelling(en) van het experiment gericht op een verbetering van de
prijs/kwaliteitverhouding van zorg;
d. De experimentopzet;
e. De afgesproken tarieven, inclusief opbouw van het tarief. Indien van toepassing tevens
de deeltarieven, inclusief opbouw;
f. Prognose van het aantal te leveren zorgprestaties per jaar in de experimenteerperiode;
g. De duur van het experiment;
h. Informatie over de financieringsbron ten laste waarvan de innovatieve zorgprestatie
wordt gebracht: Zvw, Wlz, overige Wmg zorg, of een combinatie hiervan.
3 Indien de aanvraag niet voldoet aan de in artikel 5, lid 2 van deze beleidsregel genoemde
voorwaarden, stelt de NZa de experimenteerpartijen daarvan op de hoogte en geeft zij
experimenteerpartijen een redelijke termijn om de onvolledige aanvraag aan te vullen.
De NZa houdt de beoordeling van de aanvraag aan totdat de benodigde gegevens zijn
ontvangen of totdat de door de NZa gegeven termijn voor aanvulling is verstreken.
Indien experimenteerpartijen de benodigde gegevens niet verstrekken binnen de door
de NZa gestelde termijn kan de NZa besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen.
4 De NZa wijst een kortdurend kleinschalig experiment toe indien de aanvraag valt binnen
de reikwijdte van deze beleidsregel en de experimentovereenkomst voldoet aan artikel 5,
lid 2 van deze beleidsregel.
5 Indien de NZa een kortdurend kleinschalig experiment toewijst, geeft de NZa een individuele
beschikking af. Hierin stelt de NZa de ingangsdatum van het kortdurend kleinschalig
experiment vast op de eerste werkdag na de datum waarop het experiment is ingediend,
of op de datum die in de experimentovereenkomst is opgenomen zolang deze datum later
is dan de datum van indiening van de aanvraag. De einddatum van de individuele beschikking
stelt de NZa vast op basis van de duur van het experiment zoals in de experimenteerovereenkomst
opgenomen en op maximaal drie jaar na de ingangsdatum van het experiment. Bij afgifte
van een verlengingsbeschikking stelt de NZa de einddatum vast op (in totaal) maximaal
vijf jaar (dat is dus inclusief de eerdere drie jaar). Wijzigingen in wet- en regelgeving
kunnen het nodig maken dat een beschikking eerder eindigt.
bij de NZa. Op de website van de NZa is hiervoor een format experimentovereenkomst ter beschikking gesteld.
2 Bij de gezamenlijke aanvraag wordt een experimentovereenkomst met de volgende onderdelen
bijgesloten:
a. Een concrete en eenduidige omschrijving van de innovatieve zorgprestatie(s);
b. Een beschrijving van het innovatieve karakter van de zorgprestatie en waarom dit een
nieuwe zorgprestatie betreft of waarom (de) huidige zorgprestatie(s) belemmerend is
(zijn) voor de uitvoering van het aangevraagde experiment;
c. De meetbare doelstelling(en) van het experiment gericht op een verbetering van de
prijs/kwaliteitverhouding van zorg;
d. De experimentopzet;
e. De afgesproken tarieven, inclusief opbouw van het tarief. Indien van toepassing tevens
de deeltarieven, inclusief opbouw;
f. Prognose van het aantal te leveren zorgprestaties per jaar in de experimenteerperiode;
g. De duur van het experiment;
h. Informatie over de financieringsbron ten laste waarvan de innovatieve zorgprestatie
wordt gebracht: Zvw, Wlz, overige Wmg zorg, of een combinatie hiervan.
3 Indien de aanvraag niet voldoet aan de in artikel 5, lid 2 van deze beleidsregel genoemde
voorwaarden, stelt de NZa de experimenteerpartijen daarvan op de hoogte en geeft zij
experimenteerpartijen een redelijke termijn om de onvolledige aanvraag aan te vullen.
De NZa houdt de beoordeling van de aanvraag aan totdat de benodigde gegevens zijn
ontvangen of totdat de door de NZa gegeven termijn voor aanvulling is verstreken.
Indien experimenteerpartijen de benodigde gegevens niet verstrekken binnen de door
de NZa gestelde termijn kan de NZa besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen.
4 De NZa wijst een kortdurend kleinschalig experiment toe indien de aanvraag valt binnen
de reikwijdte van deze beleidsregel en de experimentovereenkomst voldoet aan artikel 5,
lid 2 van deze beleidsregel.
5 Indien de NZa een kortdurend kleinschalig experiment toewijst, geeft de NZa een individuele
beschikking af. Hierin stelt de NZa de ingangsdatum van het kortdurend kleinschalig
experiment vast op de eerste werkdag na de datum waarop het experiment is ingediend,
of op de datum die in de experimentovereenkomst is opgenomen zolang deze datum later
is dan de datum van indiening van de aanvraag. De einddatum van de individuele beschikking
stelt de NZa vast op basis van de duur van het experiment zoals in de experimenteerovereenkomst
opgenomen en op maximaal drie jaar na de ingangsdatum van het experiment. Bij afgifte
van een verlengingsbeschikking stelt de NZa de einddatum vast op (in totaal) maximaal
vijf jaar (dat is dus inclusief de eerdere drie jaar). Wijzigingen in wet- en regelgeving
kunnen het nodig maken dat een beschikking eerder eindigt.