BWBR0050183
Geldig vanaf 2024-09-03
Artikel 3.7
Landelijke verplaatsingsregeling veehouderijen met piekbelasting
1. De in artikel 3.6, eerste lid, onderdelen a, b en c, bedoelde bijdrage bedraagt 100 procent van de werkelijke kosten:
a. voor het demonteren en verhuizen van bouwwerken en voorzieningen van de te verlaten veehouderijlocatie naar de hervestigingslocatie, alsmede voor de kosten voor het opbouwen van de genoemde bouwwerken of voorzieningen op de hervestigingslocatie;
b. voor het verhuizen van landbouwhuisdieren, tractoren of landbouwwerktuigen van de te verlaten veehouderijlocatie naar de hervestigingslocatie.
2. Onder de kosten voor het opbouwen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, wordt mede verstaan de kosten voor de aanleg of vervanging van voor de te verhuizen bouwwerken benodigde onderdelen die niet, of niet zonder schade van betekenis, kunnen worden verwijderd van de te verlaten veehouderijlocatie.
3. Onder de kosten voor het verhuizen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, wordt mede verstaan de kosten voor de opslag en stalling van bouwwerken, voorzieningen, tractoren, landbouwwerktuigen of landbouwhuisdieren, voor de maximale duur van 31 dagen, totdat zij kunnen worden verhuisd naar, en in gebruik kunnen worden genomen op, de hervestigingslocatie.
a. voor het demonteren en verhuizen van bouwwerken en voorzieningen van de te verlaten veehouderijlocatie naar de hervestigingslocatie, alsmede voor de kosten voor het opbouwen van de genoemde bouwwerken of voorzieningen op de hervestigingslocatie;
b. voor het verhuizen van landbouwhuisdieren, tractoren of landbouwwerktuigen van de te verlaten veehouderijlocatie naar de hervestigingslocatie.
2. Onder de kosten voor het opbouwen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, wordt mede verstaan de kosten voor de aanleg of vervanging van voor de te verhuizen bouwwerken benodigde onderdelen die niet, of niet zonder schade van betekenis, kunnen worden verwijderd van de te verlaten veehouderijlocatie.
3. Onder de kosten voor het verhuizen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, wordt mede verstaan de kosten voor de opslag en stalling van bouwwerken, voorzieningen, tractoren, landbouwwerktuigen of landbouwhuisdieren, voor de maximale duur van 31 dagen, totdat zij kunnen worden verhuisd naar, en in gebruik kunnen worden genomen op, de hervestigingslocatie.