BWBR0050162
Geldig vanaf 23-08-2024
Artikel 7
Beleidsregel Kostprijsonderzoek over 2023 ten behoeve van tarieven ggz Setting 1, BR/REG-24153
7.1 Door de uitvraag komen de gerealiseerde kosten en de geleverde productie in beeld. De kostprijs per prestatie wordt in beginsel berekend door de toegerekende totaal kosten voor een bepaalde soort prestatie te delen door de productie van die prestatie. In de berekening en toetsing van kostprijzen onderscheidt de NZa onderstaande groepen prestaties: a) Prestaties zoals opgenomen in de ‘Beleidsregel prestaties en tarieven ggz en fz’: – consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01) (inclusief groepsconsulten);
– toeslagen op de consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01);
– overige prestaties.
– consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01) (inclusief groepsconsulten);
– toeslagen op de consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01);
– overige prestaties.
b) De vergoedingsbedragen in het kader van de beschikbaarheidbijdrage mvo ggz: – Gezondheidszorgpsycholoog
– Psychotherapeut
– Klinisch psycholoog
– Klinisch neuropsycholoog
– Psychiater in de ggz
– Klinisch geriater in de ggz
– Verpleegkundig specialist in de ggz
– Gezondheidszorgpsycholoog
– Psychotherapeut
– Klinisch psycholoog
– Klinisch neuropsycholoog
– Psychiater in de ggz
– Klinisch geriater in de ggz
– Verpleegkundig specialist in de ggz Tenzij anders vermeld baseren we kostprijzen op de gegevens die blijken uit de uitvraag.
a) Prestaties zoals opgenomen in de ‘Beleidsregel prestaties en tarieven ggz en fz’: – consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01) (inclusief groepsconsulten);
– toeslagen op de consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01);
– overige prestaties.
– consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01) (inclusief groepsconsulten);
– toeslagen op de consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01);
– overige prestaties.
b) De vergoedingsbedragen in het kader van de beschikbaarheidbijdrage mvo ggz: – Gezondheidszorgpsycholoog
– Psychotherapeut
– Klinisch psycholoog
– Klinisch neuropsycholoog
– Psychiater in de ggz
– Klinisch geriater in de ggz
– Verpleegkundig specialist in de ggz
– Gezondheidszorgpsycholoog
– Psychotherapeut
– Klinisch psycholoog
– Klinisch neuropsycholoog
– Psychiater in de ggz
– Klinisch geriater in de ggz
– Verpleegkundig specialist in de ggz
7.2 Voor de volgende prestaties gaan we kostprijzen vaststellen op een andere wijze dan via de uitvraag bij zorgaanbieders. a) Toeslag spravato; het tarief wordt ontleend aan de meest recente inkoopprijs.
b) Prestaties met een vrij tarief; hiervoor worden geen tarieven vastgesteld.
a) Toeslag spravato; het tarief wordt ontleend aan de meest recente inkoopprijs.
b) Prestaties met een vrij tarief; hiervoor worden geen tarieven vastgesteld.
7.3 a) De kosten voor de gedeclareerde omzet voor onderlinge dienstverlening worden geschoond.
b) De kosten in verband met facultatieve prestaties, Spravato, en andere prestaties met een vrij tarief worden gelijk gesteld aan de opbrengsten voor deze prestaties.
c) De kosten in verband met zorgmachtiging verplichte ggz worden gelijk gesteld aan de opbrengsten voor deze prestaties.
a) De kosten voor de gedeclareerde omzet voor onderlinge dienstverlening worden geschoond.
b) De kosten in verband met facultatieve prestaties, Spravato, en andere prestaties met een vrij tarief worden gelijk gesteld aan de opbrengsten voor deze prestaties.
c) De kosten in verband met zorgmachtiging verplichte ggz worden gelijk gesteld aan de opbrengsten voor deze prestaties.
7.4 a) In het zorgprestatiemodel zijn er voor de vrijgevestigden tarieven die verschillen tussen de acht beroepscategorieën. In het proces naar die tarieven wordt daarom onderscheid gemaakt tussen die beroepen. Dat geldt ook voor alle tussenstappen genoemd in dit artikel.
b) Bij de vrijgevestigden bepaalt de NZa de praktijkkosten, waaronder de huisvestingskosten, op basis van de uitvraag. De praktijkkosten worden naar rato van het aandeel van de FZ en Zvw-omzet in het kader van het zorgprestatiemodel ten opzichte van de totale zorgomzet meegenomen in de kosten. Bepaalde praktijkkosten worden uitgesloten, zie lid c.
c) De basis voor de beloning voor de ingezette arbeid voor vrijgevestigde praktijkhouders leidt de NZa af uit een apart onderzoek. In de arbeidskosten worden ook de kosten van een pensioenvoorziening, een arbeidsongeschiktheidsvoorziening en vergoeding voor kortdurende ziekten meegenomen. Wanneer er binnen de beroepsgroep een verplichting is voor één of meer van deze verzekeringen, dan neemt de NZa de werkelijke uitgaven als kosten. Daar waar er geen verplichte verzekering geldt, wordt een normatieve vergoeding toegevoegd aan de arbeidskosten. De in de uitvraag aangeleverde praktijkkosten voor niet-verplichte verzekeringen (voor pensioen, arbeidsongeschiktheid en kortdurende ziekte) worden dan uitgesloten. De wijze waarop deze normatieve vergoeding berekend wordt, werkt de NZa in 2024 verder uit.
d) De beloning voor arbeidskosten, zoals beschreven bij lid c, zal aangepast worden voor factoren zoals: verantwoordelijkheid, leidinggeven, kennis & complexiteit, ervaring, zelfstandigheid, risico en eventuele meeruren ten opzichte van een loondienstsituatie. Dit zo veel mogelijk in lijn met de methodiek die gebruikt wordt door de NZa bij berekening van arbeidskosten bij andere vrije beroepsbeoefenaren met een eigen praktijk: de huisarts, leefstijlcoach, verloskundige, tandarts en orthodontist. De op deze wijze opgehoogde beloning wordt normatieve arbeidskosten genoemd. De wijze waarop deze normatieve vergoeding berekend wordt, werkt de NZa in 2024 verder uit.
e) De kosten zoals bepaald onder b, c en d vormen de totale kosten voor de betreffende zorgaanbieder en worden door de NZa vergeleken met de opgegeven productie om tot kostprijzen te komen. De samenhang tussen gewerkte uren en normatieve arbeidskosten en andere kosten zal zo veel mogelijk in lijn zijn met de methodiek die de NZa gebruikt voor de andere genoemde beroepsbeoefenaren met een eigen praktijk.
f) Bij de toerekening van de kosten naar prestaties worden door de NZa in principe de tariefverhoudingen van 2024 gebruikt. Het staat de vrijgevestigde vrij om deze verhoudingen in het uitvraagformulier te wijzigen. Elke vrijgevestigde kan enkel de verhoudingen aanpassen van de type prestaties die daadwerkelijk geleverd zijn in 2023. De NZa bouwt controles in en voert, conform toetsingskader in artikel 8, analyses uit op de individuele kostprijzen en uitbijters.
a) In het zorgprestatiemodel zijn er voor de vrijgevestigden tarieven die verschillen tussen de acht beroepscategorieën. In het proces naar die tarieven wordt daarom onderscheid gemaakt tussen die beroepen. Dat geldt ook voor alle tussenstappen genoemd in dit artikel.
b) Bij de vrijgevestigden bepaalt de NZa de praktijkkosten, waaronder de huisvestingskosten, op basis van de uitvraag. De praktijkkosten worden naar rato van het aandeel van de FZ en Zvw-omzet in het kader van het zorgprestatiemodel ten opzichte van de totale zorgomzet meegenomen in de kosten. Bepaalde praktijkkosten worden uitgesloten, zie lid c.
c) De basis voor de beloning voor de ingezette arbeid voor vrijgevestigde praktijkhouders leidt de NZa af uit een apart onderzoek. In de arbeidskosten worden ook de kosten van een pensioenvoorziening, een arbeidsongeschiktheidsvoorziening en vergoeding voor kortdurende ziekten meegenomen. Wanneer er binnen de beroepsgroep een verplichting is voor één of meer van deze verzekeringen, dan neemt de NZa de werkelijke uitgaven als kosten. Daar waar er geen verplichte verzekering geldt, wordt een normatieve vergoeding toegevoegd aan de arbeidskosten. De in de uitvraag aangeleverde praktijkkosten voor niet-verplichte verzekeringen (voor pensioen, arbeidsongeschiktheid en kortdurende ziekte) worden dan uitgesloten. De wijze waarop deze normatieve vergoeding berekend wordt, werkt de NZa in 2024 verder uit.
d) De beloning voor arbeidskosten, zoals beschreven bij lid c, zal aangepast worden voor factoren zoals: verantwoordelijkheid, leidinggeven, kennis & complexiteit, ervaring, zelfstandigheid, risico en eventuele meeruren ten opzichte van een loondienstsituatie. Dit zo veel mogelijk in lijn met de methodiek die gebruikt wordt door de NZa bij berekening van arbeidskosten bij andere vrije beroepsbeoefenaren met een eigen praktijk: de huisarts, leefstijlcoach, verloskundige, tandarts en orthodontist. De op deze wijze opgehoogde beloning wordt normatieve arbeidskosten genoemd. De wijze waarop deze normatieve vergoeding berekend wordt, werkt de NZa in 2024 verder uit.
e) De kosten zoals bepaald onder b, c en d vormen de totale kosten voor de betreffende zorgaanbieder en worden door de NZa vergeleken met de opgegeven productie om tot kostprijzen te komen. De samenhang tussen gewerkte uren en normatieve arbeidskosten en andere kosten zal zo veel mogelijk in lijn zijn met de methodiek die de NZa gebruikt voor de andere genoemde beroepsbeoefenaren met een eigen praktijk.
f) Bij de toerekening van de kosten naar prestaties worden door de NZa in principe de tariefverhoudingen van 2024 gebruikt. Het staat de vrijgevestigde vrij om deze verhoudingen in het uitvraagformulier te wijzigen. Elke vrijgevestigde kan enkel de verhoudingen aanpassen van de type prestaties die daadwerkelijk geleverd zijn in 2023. De NZa bouwt controles in en voert, conform toetsingskader in artikel 8, analyses uit op de individuele kostprijzen en uitbijters.
– toeslagen op de consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01);
– overige prestaties.
– consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01) (inclusief groepsconsulten);
– toeslagen op de consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01);
– overige prestaties.
b) De vergoedingsbedragen in het kader van de beschikbaarheidbijdrage mvo ggz: – Gezondheidszorgpsycholoog
– Psychotherapeut
– Klinisch psycholoog
– Klinisch neuropsycholoog
– Psychiater in de ggz
– Klinisch geriater in de ggz
– Verpleegkundig specialist in de ggz
– Gezondheidszorgpsycholoog
– Psychotherapeut
– Klinisch psycholoog
– Klinisch neuropsycholoog
– Psychiater in de ggz
– Klinisch geriater in de ggz
– Verpleegkundig specialist in de ggz Tenzij anders vermeld baseren we kostprijzen op de gegevens die blijken uit de uitvraag.
a) Prestaties zoals opgenomen in de ‘Beleidsregel prestaties en tarieven ggz en fz’: – consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01) (inclusief groepsconsulten);
– toeslagen op de consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01);
– overige prestaties.
– consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01) (inclusief groepsconsulten);
– toeslagen op de consulten setting Ambulant kwaliteitsstatuut sectie II (S01);
– overige prestaties.
b) De vergoedingsbedragen in het kader van de beschikbaarheidbijdrage mvo ggz: – Gezondheidszorgpsycholoog
– Psychotherapeut
– Klinisch psycholoog
– Klinisch neuropsycholoog
– Psychiater in de ggz
– Klinisch geriater in de ggz
– Verpleegkundig specialist in de ggz
– Gezondheidszorgpsycholoog
– Psychotherapeut
– Klinisch psycholoog
– Klinisch neuropsycholoog
– Psychiater in de ggz
– Klinisch geriater in de ggz
– Verpleegkundig specialist in de ggz
7.2 Voor de volgende prestaties gaan we kostprijzen vaststellen op een andere wijze dan via de uitvraag bij zorgaanbieders. a) Toeslag spravato; het tarief wordt ontleend aan de meest recente inkoopprijs.
b) Prestaties met een vrij tarief; hiervoor worden geen tarieven vastgesteld.
a) Toeslag spravato; het tarief wordt ontleend aan de meest recente inkoopprijs.
b) Prestaties met een vrij tarief; hiervoor worden geen tarieven vastgesteld.
7.3 a) De kosten voor de gedeclareerde omzet voor onderlinge dienstverlening worden geschoond.
b) De kosten in verband met facultatieve prestaties, Spravato, en andere prestaties met een vrij tarief worden gelijk gesteld aan de opbrengsten voor deze prestaties.
c) De kosten in verband met zorgmachtiging verplichte ggz worden gelijk gesteld aan de opbrengsten voor deze prestaties.
a) De kosten voor de gedeclareerde omzet voor onderlinge dienstverlening worden geschoond.
b) De kosten in verband met facultatieve prestaties, Spravato, en andere prestaties met een vrij tarief worden gelijk gesteld aan de opbrengsten voor deze prestaties.
c) De kosten in verband met zorgmachtiging verplichte ggz worden gelijk gesteld aan de opbrengsten voor deze prestaties.
7.4 a) In het zorgprestatiemodel zijn er voor de vrijgevestigden tarieven die verschillen tussen de acht beroepscategorieën. In het proces naar die tarieven wordt daarom onderscheid gemaakt tussen die beroepen. Dat geldt ook voor alle tussenstappen genoemd in dit artikel.
b) Bij de vrijgevestigden bepaalt de NZa de praktijkkosten, waaronder de huisvestingskosten, op basis van de uitvraag. De praktijkkosten worden naar rato van het aandeel van de FZ en Zvw-omzet in het kader van het zorgprestatiemodel ten opzichte van de totale zorgomzet meegenomen in de kosten. Bepaalde praktijkkosten worden uitgesloten, zie lid c.
c) De basis voor de beloning voor de ingezette arbeid voor vrijgevestigde praktijkhouders leidt de NZa af uit een apart onderzoek. In de arbeidskosten worden ook de kosten van een pensioenvoorziening, een arbeidsongeschiktheidsvoorziening en vergoeding voor kortdurende ziekten meegenomen. Wanneer er binnen de beroepsgroep een verplichting is voor één of meer van deze verzekeringen, dan neemt de NZa de werkelijke uitgaven als kosten. Daar waar er geen verplichte verzekering geldt, wordt een normatieve vergoeding toegevoegd aan de arbeidskosten. De in de uitvraag aangeleverde praktijkkosten voor niet-verplichte verzekeringen (voor pensioen, arbeidsongeschiktheid en kortdurende ziekte) worden dan uitgesloten. De wijze waarop deze normatieve vergoeding berekend wordt, werkt de NZa in 2024 verder uit.
d) De beloning voor arbeidskosten, zoals beschreven bij lid c, zal aangepast worden voor factoren zoals: verantwoordelijkheid, leidinggeven, kennis & complexiteit, ervaring, zelfstandigheid, risico en eventuele meeruren ten opzichte van een loondienstsituatie. Dit zo veel mogelijk in lijn met de methodiek die gebruikt wordt door de NZa bij berekening van arbeidskosten bij andere vrije beroepsbeoefenaren met een eigen praktijk: de huisarts, leefstijlcoach, verloskundige, tandarts en orthodontist. De op deze wijze opgehoogde beloning wordt normatieve arbeidskosten genoemd. De wijze waarop deze normatieve vergoeding berekend wordt, werkt de NZa in 2024 verder uit.
e) De kosten zoals bepaald onder b, c en d vormen de totale kosten voor de betreffende zorgaanbieder en worden door de NZa vergeleken met de opgegeven productie om tot kostprijzen te komen. De samenhang tussen gewerkte uren en normatieve arbeidskosten en andere kosten zal zo veel mogelijk in lijn zijn met de methodiek die de NZa gebruikt voor de andere genoemde beroepsbeoefenaren met een eigen praktijk.
f) Bij de toerekening van de kosten naar prestaties worden door de NZa in principe de tariefverhoudingen van 2024 gebruikt. Het staat de vrijgevestigde vrij om deze verhoudingen in het uitvraagformulier te wijzigen. Elke vrijgevestigde kan enkel de verhoudingen aanpassen van de type prestaties die daadwerkelijk geleverd zijn in 2023. De NZa bouwt controles in en voert, conform toetsingskader in artikel 8, analyses uit op de individuele kostprijzen en uitbijters.
a) In het zorgprestatiemodel zijn er voor de vrijgevestigden tarieven die verschillen tussen de acht beroepscategorieën. In het proces naar die tarieven wordt daarom onderscheid gemaakt tussen die beroepen. Dat geldt ook voor alle tussenstappen genoemd in dit artikel.
b) Bij de vrijgevestigden bepaalt de NZa de praktijkkosten, waaronder de huisvestingskosten, op basis van de uitvraag. De praktijkkosten worden naar rato van het aandeel van de FZ en Zvw-omzet in het kader van het zorgprestatiemodel ten opzichte van de totale zorgomzet meegenomen in de kosten. Bepaalde praktijkkosten worden uitgesloten, zie lid c.
c) De basis voor de beloning voor de ingezette arbeid voor vrijgevestigde praktijkhouders leidt de NZa af uit een apart onderzoek. In de arbeidskosten worden ook de kosten van een pensioenvoorziening, een arbeidsongeschiktheidsvoorziening en vergoeding voor kortdurende ziekten meegenomen. Wanneer er binnen de beroepsgroep een verplichting is voor één of meer van deze verzekeringen, dan neemt de NZa de werkelijke uitgaven als kosten. Daar waar er geen verplichte verzekering geldt, wordt een normatieve vergoeding toegevoegd aan de arbeidskosten. De in de uitvraag aangeleverde praktijkkosten voor niet-verplichte verzekeringen (voor pensioen, arbeidsongeschiktheid en kortdurende ziekte) worden dan uitgesloten. De wijze waarop deze normatieve vergoeding berekend wordt, werkt de NZa in 2024 verder uit.
d) De beloning voor arbeidskosten, zoals beschreven bij lid c, zal aangepast worden voor factoren zoals: verantwoordelijkheid, leidinggeven, kennis & complexiteit, ervaring, zelfstandigheid, risico en eventuele meeruren ten opzichte van een loondienstsituatie. Dit zo veel mogelijk in lijn met de methodiek die gebruikt wordt door de NZa bij berekening van arbeidskosten bij andere vrije beroepsbeoefenaren met een eigen praktijk: de huisarts, leefstijlcoach, verloskundige, tandarts en orthodontist. De op deze wijze opgehoogde beloning wordt normatieve arbeidskosten genoemd. De wijze waarop deze normatieve vergoeding berekend wordt, werkt de NZa in 2024 verder uit.
e) De kosten zoals bepaald onder b, c en d vormen de totale kosten voor de betreffende zorgaanbieder en worden door de NZa vergeleken met de opgegeven productie om tot kostprijzen te komen. De samenhang tussen gewerkte uren en normatieve arbeidskosten en andere kosten zal zo veel mogelijk in lijn zijn met de methodiek die de NZa gebruikt voor de andere genoemde beroepsbeoefenaren met een eigen praktijk.
f) Bij de toerekening van de kosten naar prestaties worden door de NZa in principe de tariefverhoudingen van 2024 gebruikt. Het staat de vrijgevestigde vrij om deze verhoudingen in het uitvraagformulier te wijzigen. Elke vrijgevestigde kan enkel de verhoudingen aanpassen van de type prestaties die daadwerkelijk geleverd zijn in 2023. De NZa bouwt controles in en voert, conform toetsingskader in artikel 8, analyses uit op de individuele kostprijzen en uitbijters.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0050162
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl