BWBR0050125
Artikel 8
Beleidsregel beschikbaarheidbijdrage op aanvraag
1
Beschrijving zorg
Acute verloskunde als bedoeld in onderdeel B, aanhef en onder 8, van de Bijlage.
2
Criteria verstrekking
Zorgaanbieders kunnen in aanmerking komen voor de verstrekking van een beschikbaarheidbijdrage
acute verloskunde indien zij de in artikel 8, eerste lid van deze beleidsregel genoemde
vorm van zorg leveren en als aan elk van de volgende criteria is voldaan:
– de afdeling voor acute verloskunde moet voldoen aan de geldende (minimum)normen die
worden gesteld aan acute verloskundige zorg;
– de afdeling voor acute verloskunde moet onvoldoende inkomsten uit de tarieven hebben
om de kosten van de acute verloskundige zorg te dekken;
– de afdeling voor acute verloskunde moet gevoelig zijn voor de 45-minutennorm volgens
de meest relevante analyse van het RIVM. De meest relevante analyse voor de beschikbaarheidbijdrage
acute verloskunde jaar t betreft de bereikbaarheidsanalyse jaar t-1 die jaarlijks
door het RIVM wordt uitgebracht.
3
Procedure verlening
De aanvraag tot verlening van de beschikbaarheidbijdrage acute verloskunde bestaat
uit een aanvraagformulier. In het aanvraagformulier kan de aanvrager een opgave van
kosten en opbrengsten geven ten behoeve van het tweede criterium genoemd in artikel
8, tweede lid. Het eerste criterium uit artikel 8, tweede lid wordt getoetst op basis
van signalen van de IGJ. Hierbij wordt als uitgangspunt genomen dat een afdeling voor
acute verloskunde voldoet aan de geldende (minimum)normen tenzij de IGJ dit bij de
NZa aangeeft. De NZa zal voor afgifte van de verlening bij de IGJ de laatste stand
van zaken opvragen. Indien gewenst zal een nadere onderbouwing van het criterium middels
een brief worden gevraagd.
4
Hoogte beschikbaarheidbijdrage
a.
Kosten personeel
Om 24/7 beschikbaarheid te borgen gaat de NZa uit van 6,13 fte obstetrisch professional
of 5,09 fte gynaecoloog. Als de gynaecoloog en de obstetrisch professional elkaar
afwisselen in diensten zal de verhouding worden bepaald op basis van opgegeven inzet.
De fte voor de gynaecoloog worden meegenomen tot 5,09 fte. Indien de fte voor de gynaecoloog
minder dan 5,09 fte bedraagt, wordt de fte voor de obstetrisch professional in verhouding
meegenomen. In de toelichting van de beleidsregel is hiervan een rekenvoorbeeld opgenomen.
Naast bovengenoemde personele inzet gaat de NZa uit van bijbehorende personele kosten:
Norm
Fte
Prijspeil 2024
Obstetrisch professional
6,13
€ 111.678 per fte
Gynaecoloog in loondienst
5,09
€ 230.309 per fte
Gynaecoloog vrijgevestigd
5,09
€ 341.983 per fte
De salariskosten voor de obstetrisch professional zijn inclusief onregelmatigheidstoeslag
(ort). De personele kosten worden jaarlijks geïndexeerd. In de toelichting van de
beleidsregel staat beschreven hoe deze indexatie plaatsvindt.
b.
Kosten materieel en overhead
De NZa gaat uit van een totaal aan materiële kosten en overheadkosten van € 609.564,–
(prijspeil 2024). De materiële kosten (€ 478.467,–) worden jaarlijks met het prijsindexcijfer
materiële kosten geïndexeerd. De overheadkosten (€ 131.098,–) worden conform het indexcijfer
voor kostenbedragen van (dbc) zorgproducten geïndexeerd.
c.
Kosten kapitaal
De opslag voor kapitaallasten bedraagt € 119.097,– (prijspeil 2024). De kapitaallasten
worden niet geïndexeerd.
d.
Opbrengsten acute verloskunde
De beschikbaarheidbijdrage beoogt alleen een eventueel tekort te dekken binnen de
reikwijdte van deze zorgfunctie. Dat wil zeggen dat de dbc omzet in mindering wordt
gebracht op de normbedragen als bedoeld in sub a, b en c van dit artikel. Indien de
dbc omzet die aan deze functie wordt toegerekend hoger is dan de normbedragen, ontvangt
de zorgaanbieder geen beschikbaarheidbijdrage.
De opbrengsten worden bepaald op basis van het aantal gerealiseerde dbc-producten
acute verloskunde. De NZa heeft per product een percentage vastgesteld van de mate
waarin het betreffende product kan worden toegerekend aan de activiteiten van de beschikbare
gynaecoloog/obstetrisch professional. In de bijlage van deze beleidsregel is een overzicht van deze producten opgenomen. Deze verloskunde-dbc’s
maken deel uit van het vrije segment. Voor de bepaling van de omzet van acute verloskunde
wordt daarbij uitgegaan van het gemiddelde tarief van de ziekenhuizen uit het kostenonderzoek
2023 voor de verloskunde-dbc’s.
Jaarlijks worden de gemiddelde tarieven van de betreffende verloskunde dbc’s aangepast
naar het actuele prijspeil dat voor dat jaar geldt. De bedragen worden geïndexeerd
met het geldende indexcijfer voor de kostenbedragen van (dbc)zorgproducten. Deze indexcijfers
publiceert de NZa op haar website. De resultaten worden doorgevoerd in de kolom ‘Bedrag
beleidsregel (ultimo 2024)’ in de tabel ‘Zorgproducten Acute verloskunde met percentage
en bedragen’ in bijlage 1.
Beschrijving zorg
Acute verloskunde als bedoeld in onderdeel B, aanhef en onder 8, van de Bijlage.
2
Criteria verstrekking
Zorgaanbieders kunnen in aanmerking komen voor de verstrekking van een beschikbaarheidbijdrage
acute verloskunde indien zij de in artikel 8, eerste lid van deze beleidsregel genoemde
vorm van zorg leveren en als aan elk van de volgende criteria is voldaan:
– de afdeling voor acute verloskunde moet voldoen aan de geldende (minimum)normen die
worden gesteld aan acute verloskundige zorg;
– de afdeling voor acute verloskunde moet onvoldoende inkomsten uit de tarieven hebben
om de kosten van de acute verloskundige zorg te dekken;
– de afdeling voor acute verloskunde moet gevoelig zijn voor de 45-minutennorm volgens
de meest relevante analyse van het RIVM. De meest relevante analyse voor de beschikbaarheidbijdrage
acute verloskunde jaar t betreft de bereikbaarheidsanalyse jaar t-1 die jaarlijks
door het RIVM wordt uitgebracht.
3
Procedure verlening
De aanvraag tot verlening van de beschikbaarheidbijdrage acute verloskunde bestaat
uit een aanvraagformulier. In het aanvraagformulier kan de aanvrager een opgave van
kosten en opbrengsten geven ten behoeve van het tweede criterium genoemd in artikel
8, tweede lid. Het eerste criterium uit artikel 8, tweede lid wordt getoetst op basis
van signalen van de IGJ. Hierbij wordt als uitgangspunt genomen dat een afdeling voor
acute verloskunde voldoet aan de geldende (minimum)normen tenzij de IGJ dit bij de
NZa aangeeft. De NZa zal voor afgifte van de verlening bij de IGJ de laatste stand
van zaken opvragen. Indien gewenst zal een nadere onderbouwing van het criterium middels
een brief worden gevraagd.
4
Hoogte beschikbaarheidbijdrage
a.
Kosten personeel
Om 24/7 beschikbaarheid te borgen gaat de NZa uit van 6,13 fte obstetrisch professional
of 5,09 fte gynaecoloog. Als de gynaecoloog en de obstetrisch professional elkaar
afwisselen in diensten zal de verhouding worden bepaald op basis van opgegeven inzet.
De fte voor de gynaecoloog worden meegenomen tot 5,09 fte. Indien de fte voor de gynaecoloog
minder dan 5,09 fte bedraagt, wordt de fte voor de obstetrisch professional in verhouding
meegenomen. In de toelichting van de beleidsregel is hiervan een rekenvoorbeeld opgenomen.
Naast bovengenoemde personele inzet gaat de NZa uit van bijbehorende personele kosten:
Norm
Fte
Prijspeil 2024
Obstetrisch professional
6,13
€ 111.678 per fte
Gynaecoloog in loondienst
5,09
€ 230.309 per fte
Gynaecoloog vrijgevestigd
5,09
€ 341.983 per fte
De salariskosten voor de obstetrisch professional zijn inclusief onregelmatigheidstoeslag
(ort). De personele kosten worden jaarlijks geïndexeerd. In de toelichting van de
beleidsregel staat beschreven hoe deze indexatie plaatsvindt.
b.
Kosten materieel en overhead
De NZa gaat uit van een totaal aan materiële kosten en overheadkosten van € 609.564,–
(prijspeil 2024). De materiële kosten (€ 478.467,–) worden jaarlijks met het prijsindexcijfer
materiële kosten geïndexeerd. De overheadkosten (€ 131.098,–) worden conform het indexcijfer
voor kostenbedragen van (dbc) zorgproducten geïndexeerd.
c.
Kosten kapitaal
De opslag voor kapitaallasten bedraagt € 119.097,– (prijspeil 2024). De kapitaallasten
worden niet geïndexeerd.
d.
Opbrengsten acute verloskunde
De beschikbaarheidbijdrage beoogt alleen een eventueel tekort te dekken binnen de
reikwijdte van deze zorgfunctie. Dat wil zeggen dat de dbc omzet in mindering wordt
gebracht op de normbedragen als bedoeld in sub a, b en c van dit artikel. Indien de
dbc omzet die aan deze functie wordt toegerekend hoger is dan de normbedragen, ontvangt
de zorgaanbieder geen beschikbaarheidbijdrage.
De opbrengsten worden bepaald op basis van het aantal gerealiseerde dbc-producten
acute verloskunde. De NZa heeft per product een percentage vastgesteld van de mate
waarin het betreffende product kan worden toegerekend aan de activiteiten van de beschikbare
gynaecoloog/obstetrisch professional. In de bijlage van deze beleidsregel is een overzicht van deze producten opgenomen. Deze verloskunde-dbc’s
maken deel uit van het vrije segment. Voor de bepaling van de omzet van acute verloskunde
wordt daarbij uitgegaan van het gemiddelde tarief van de ziekenhuizen uit het kostenonderzoek
2023 voor de verloskunde-dbc’s.
Jaarlijks worden de gemiddelde tarieven van de betreffende verloskunde dbc’s aangepast
naar het actuele prijspeil dat voor dat jaar geldt. De bedragen worden geïndexeerd
met het geldende indexcijfer voor de kostenbedragen van (dbc)zorgproducten. Deze indexcijfers
publiceert de NZa op haar website. De resultaten worden doorgevoerd in de kolom ‘Bedrag
beleidsregel (ultimo 2024)’ in de tabel ‘Zorgproducten Acute verloskunde met percentage
en bedragen’ in bijlage 1.