BWBR0050096
Artikel 9
Uniform kader beschikbaarheidbijdrage NZa
9.1. De NZa neemt bij beëindiging van de beschikbaarheidbijdrage vanwege veranderde omstandigheden
of gewijzigde inzichten een redelijke termijn in acht, indien aan een zorgaanbieder
voor drie of meer achtereenvolgende jaren subsidie is verstrekt voor (in hoofdzaak)
dezelfde voortdurende activiteiten.
9.2. Voor zover aan het einde van het tijdvak waarvoor een beschikbaarheidbijdrage is verleend
sinds de bekendmaking van het voornemen tot weigering voor een daarop aansluitend
tijdvak nog geen redelijke termijn is verstreken, kan de NZa een afbouwregeling treffen.
9.3. De afbouwregeling betreft een periode van maximaal drie jaar.
9.4. Voor wat betreft de bepaling van de duur van de afbouwperiode en de hoogte van het
bedrag houdt de NZa rekening met de volgende criteria:
de aard van de activiteiten;
de mate van ingrijpendheid van de beëindiging van de beschikbaarheidbijdrage;
de aard van de beschikbaarheidbijdrage;
eventuele verplichtingen jegens derden die de ontvanger redelijkerwijze aan mocht
gaan.
of gewijzigde inzichten een redelijke termijn in acht, indien aan een zorgaanbieder
voor drie of meer achtereenvolgende jaren subsidie is verstrekt voor (in hoofdzaak)
dezelfde voortdurende activiteiten.
9.2. Voor zover aan het einde van het tijdvak waarvoor een beschikbaarheidbijdrage is verleend
sinds de bekendmaking van het voornemen tot weigering voor een daarop aansluitend
tijdvak nog geen redelijke termijn is verstreken, kan de NZa een afbouwregeling treffen.
9.3. De afbouwregeling betreft een periode van maximaal drie jaar.
9.4. Voor wat betreft de bepaling van de duur van de afbouwperiode en de hoogte van het
bedrag houdt de NZa rekening met de volgende criteria:
de aard van de activiteiten;
de mate van ingrijpendheid van de beëindiging van de beschikbaarheidbijdrage;
de aard van de beschikbaarheidbijdrage;
eventuele verplichtingen jegens derden die de ontvanger redelijkerwijze aan mocht
gaan.