BWBR0050051
Artikel 7
Regeling informatieverstrekking vaststelling budget regionale ambulancevoorzieningen
1 Van een gebrekkige aanlevering is sprake indien de in artikel 4 en 5 bedoelde informatie onjuist, onvolledig, niet, of niet tijdig wordt aangeleverd.
2 Van een onjuiste of onvolledige aanlevering is sprake, indien de in artikel 4 en 5 bedoelde informatie weliswaar binnen de geldende indieningstermijnen is verstrekt,
maar niet heeft plaatsgevonden overeenkomstig de eisen die hieraan zijn gesteld in
deze regeling, de Beleidsregel regionale ambulancevoorziening van jaar (t), of in
de toepasselijke formulieren. Bij een onjuiste of onvolledige aanlevering stelt de
NZa de zorgaanbieder tenminste eenmaal in de gelegenheid – kosteloos en zonder verdere
gevolgen – alsnog binnen een nader te stellen termijn over te gaan tot aanlevering
van de juiste, respectievelijk volledige, informatie.
3 Van geen of niet tijdige aanlevering is sprake indien na het verstrijken van de geldende
indieningstermijnen geen, of alsnog, een aanlevering van de in artikel 4 en 5 genoemde informatie is ontvangen. Bij de beoordeling of sprake is van een niet tijdige
aanlevering is niet relevant of de informatie onjuist, onvolledig of compleet is.
Voor deze gevallen wordt een separaat en nader in te vullen handhavingstraject vastgesteld.
Daarbij wordt ook bepaald in welk geval welk handhavingsinstrument (aanwijzing, boete,
last onder dwangsom, etc.) wordt ingezet.
2 Van een onjuiste of onvolledige aanlevering is sprake, indien de in artikel 4 en 5 bedoelde informatie weliswaar binnen de geldende indieningstermijnen is verstrekt,
maar niet heeft plaatsgevonden overeenkomstig de eisen die hieraan zijn gesteld in
deze regeling, de Beleidsregel regionale ambulancevoorziening van jaar (t), of in
de toepasselijke formulieren. Bij een onjuiste of onvolledige aanlevering stelt de
NZa de zorgaanbieder tenminste eenmaal in de gelegenheid – kosteloos en zonder verdere
gevolgen – alsnog binnen een nader te stellen termijn over te gaan tot aanlevering
van de juiste, respectievelijk volledige, informatie.
3 Van geen of niet tijdige aanlevering is sprake indien na het verstrijken van de geldende
indieningstermijnen geen, of alsnog, een aanlevering van de in artikel 4 en 5 genoemde informatie is ontvangen. Bij de beoordeling of sprake is van een niet tijdige
aanlevering is niet relevant of de informatie onjuist, onvolledig of compleet is.
Voor deze gevallen wordt een separaat en nader in te vullen handhavingstraject vastgesteld.
Daarbij wordt ook bepaald in welk geval welk handhavingsinstrument (aanwijzing, boete,
last onder dwangsom, etc.) wordt ingezet.