BWBR0050026
Artikel 6
Beleidsregel Wlz-zorgaanbieders met tandartspraktijk 2025
Wlz-zorgaanbieders met een tandartspraktijk ingericht voor het verlenen van tandheelkundige
hulp kunnen de in artikel 5 genoemde prestaties leveren en op de volgende wijze declareren:
– Bij tandheelkundige hulp die wordt verleend aan externe cliënten kan de Wlz-zorgaanbieder
een deel van de praktijkkosten via één prestatie (Gebruik tandartsruimte – G013) declareren
bij de zorgaanbieder van de externe cliënt.
– Intraveneuze sedatie of narcose.
De Wlz-zorgaanbieder kan de kosten van intraveneuze sedatie of narcose declareren
via het G201-tarief, zowel voor eigen als voor externe cliënten voor zover deze kosten
niet voor rekening komen van het ziekenhuis of de anesthesist. Deze kosten kunnen
door de Wlz-zorgaanbieder rechtstreeks bij het zorgkantoor/de Wlz-uitvoerder worden
gedeclareerd.
– Voordat de Wlz-zorgaanbieder de in artikel 5 genoemde G-tarieven kan declareren, moeten deze via het budget-/herschikkingsformulier
Wlz of nacalculatieformulier Wlz bij de NZa zijn aangevraagd en vermeld zijn op de
tariefbeschikking van de Wlz-zorgaanbieder. De aanvraag voor het G201-tarief dient
een overzicht te bevatten van de verwachte jaarlijkse meerkosten (uitgesplitst naar
kapitaallasten, loon- en materiële kosten) die betrekking hebben op het narcose-deel
van de behandeling én het aantal uren narcosebehandeling per jaar. Het uurtarief wordt
berekend door de totale verwachte werkelijke kosten te delen door het aantal begrote
behandeluren.
hulp kunnen de in artikel 5 genoemde prestaties leveren en op de volgende wijze declareren:
– Bij tandheelkundige hulp die wordt verleend aan externe cliënten kan de Wlz-zorgaanbieder
een deel van de praktijkkosten via één prestatie (Gebruik tandartsruimte – G013) declareren
bij de zorgaanbieder van de externe cliënt.
– Intraveneuze sedatie of narcose.
De Wlz-zorgaanbieder kan de kosten van intraveneuze sedatie of narcose declareren
via het G201-tarief, zowel voor eigen als voor externe cliënten voor zover deze kosten
niet voor rekening komen van het ziekenhuis of de anesthesist. Deze kosten kunnen
door de Wlz-zorgaanbieder rechtstreeks bij het zorgkantoor/de Wlz-uitvoerder worden
gedeclareerd.
– Voordat de Wlz-zorgaanbieder de in artikel 5 genoemde G-tarieven kan declareren, moeten deze via het budget-/herschikkingsformulier
Wlz of nacalculatieformulier Wlz bij de NZa zijn aangevraagd en vermeld zijn op de
tariefbeschikking van de Wlz-zorgaanbieder. De aanvraag voor het G201-tarief dient
een overzicht te bevatten van de verwachte jaarlijkse meerkosten (uitgesplitst naar
kapitaallasten, loon- en materiële kosten) die betrekking hebben op het narcose-deel
van de behandeling én het aantal uren narcosebehandeling per jaar. Het uurtarief wordt
berekend door de totale verwachte werkelijke kosten te delen door het aantal begrote
behandeluren.