Budgetvaststelling Geen andere versie om mee te vergelijken [Regeling vervallen per 01-01-2026] 1 De NZa stelt op basis van een gezamenlijk door de HDS en de representerende zorgverzekeraars ingediende tariefaanvraag een budget voor het jaar t+1 vast. Het vast te stellen budget van de HDS is opgebouwd uit de volgende budgetonderdelen: – het budgetbedrag per inwoner – het beschikbare bedrag – het lokaal overeengekomen budget – het aanvullend overeengekomen budget 2 Het budgetbedrag per inwoner bedraagt maximaal € 28,82 (definitief niveau 2024). De aanpassing van dit bedrag van niveau jaar t naar niveau jaar t+1 gebeurt op basis van de mutatie van de loonkosten (wegingsfactor 0,69) en de materiële kosten (wegingsfactor 0,31). De desbetreffende mutatiepercentages worden jaarlijks berekend conform de beleidsregel indexering. De hoogte van het budgetbedrag per inwoner is als volgt opgebouwd: a. Herijking van het budgetbedrag per inwoner per 2019, gebaseerd op totale kosten huisartsendienstenstructuren (€ 365.246.661) en aantal inwoners (17.434.699); Het budgetbedrag per inwoner (definitief niveau 2019) bedraagt daarmee € 20,95. b. Indexatie van het budgetbedrag per inwoner met het mutatiepercentage 2020 (2,87%), 2021 (1,94%), 2022 (5,92%) en 2023 (6,56%); Het geïndexeerde budgetbedrag per inwoner (definitief niveau 2023) bedraagt daarmee € 24,80. c. Verhoging van het budgetbedrag per inwoner met 10,58%, gebaseerd op de benodigde budgettaire ruimte voor huisartsendienstenstructuren ten gevolge van de herijking en differentiatie van het ANW-uurtarief per 1 januari 2023 zoals vastgesteld in de Prestatie- en tariefbeschikking huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2023. Daarmee komt het totale budgetbedrag per inwoner (definitief niveau 2023) op € 27,42. d. Indexatie naar definitief niveau 2024 (5,10%) en voorcalculatorisch niveau 2025 (3,45%) levert een budgetbedrag per inwoner op van € 29,81. 3 Het beschikbare bedrag wordt berekend door het door de HDS en de representerende zorgverzekeraars overeengekomen budgetbedrag per inwoner te vermenigvuldigen met het aantal inwoners in het adherente gebied van de HDS. Het aantal inwoners in het adherente gebied van de HDS wordt door de HDS en de representerende zorgverzekeraars berekend op basis van postcodes. Op het aantal inwoners in het adherente gebied kan een correctie worden toegepast in verband met: – niet-deelnemende huisartsen in het werkgebied; – partieel deelnemende huisartsen in het werkgebied; – postcodegebieden waar meer dan één HDS actief is (correctie op inwoners die door andere HDS worden bediend); – zorg aan patiënten van Wlz-instellingen of penitentiaire inrichtingen; – zorg aan asielzoekers; – aantal passanten in verband met vakantiedruk. Het aantal inwoners kan op verzoek van de HDS en de representerende zorgverzekeraars bij extreem veel passanten worden opgehoogd. Er is sprake van extreem veel passanten indien gemiddeld op jaarbasis het inwoneraantal door vakantiedruk met 50% of meer stijgt. De vakantiedruk (uitgedrukt in inwoners per jaar) wordt berekend door het aantal vakantiegangers dat jaarlijks in het werkgebied van de HDS verblijft te vermenigvuldigen met de gemiddelde verblijfsduur (uitgedrukt in dagen) per vakantieganger en te delen door 365 dagen. 4 Van het beschikbare bedrag zoals berekend onder artikel 4.3 is over het algemeen 90% vast beschikbaar voor de HDS. Daarnaast kan dit bedrag worden verhoogd tot maximaal 110% van het berekende beschikbare bedrag middels de inzet van een plusmodule. De plusmodule vergroot de lokale regelruimte tussen de zorgverzekeraars en de HDS. 5 Op het lokaal overeengekomen budget kan nog een aanvullende budgetafspraak worden gemaakt i.v.m. substitutie van ziekenhuiszorg (SEH) en/of bijvoorbeeld regionale ambulancevervoer (RAV) naar huisartsenpost. Het lokaal overeengekomen budget zoals berekend onder artikel 4.4 kan het maximaal vast te stellen normeringsbudget (110%) overschrijden in het kader van de substitutie van bovengenoemde zorg. Hiervoor moet de HDS gezamenlijk met de representerende zorgverzekeraars een (meerjarige) business-case indienen. Deze business-case bestaat uit de overlegging van een overeenkomst van de HDS met de SEH/ziekenhuizen en/of bijvoorbeeld de RAV en de zorgverzekeraars waarin de overheveling van de patiëntenstroom is vastgelegd. Bij de start van een samenwerkingsverband tussen de HDS en de SEH/ziekenhuizen en/of bijvoorbeeld de RAV dient naast de overeenkomst ook een inschatting te worden overlegd van: – de wijze waarop de samenwerking tussen HDS en SEH/ziekenhuis en/of bijvoorbeeld de RAV een effectievere en efficiëntere opvang van de patiëntenstroom bewerkstelligt; – de extra kosten voor de HDS die gemoeid zijn met de overheveling van de patiëntenstroom vanuit SEH/ziekenhuis en/of bijvoorbeeld de RAV c.q. de wijziging van de inrichting van de organisatie om dit binnen de HDS op te vangen (waaronder de extra benodigde huisartsencapaciteit en de daarbij overeengekomen ANW-uurtarieven 1 ); – de besparing op de kosten die de overheveling van de patiënten vanuit SEH/ziekenhuis en/of bijvoorbeeld de RAV oplevert; – het aantal patiënten dat vanuit SEH/ziekenhuis en/of bijvoorbeeld de RAV wordt omgebogen. De representerende zorgverzekeraars zien hierbij toe op de naleving van bovenstaande. Na afloop van de looptijd van de overeenkomst is bij een verlenging alleen de overlegging van de nieuw getekende overeenkomst tussen de HDS en de SEH/ziekenhuizen en/of bijvoorbeeld de RAV benodigd. 6 Voor een limitatief aantal grootschalige HDS’en in de dunst bevolkte gebieden knelt op grond van specifieke vooral regionale omstandigheden de in artikel 4.1 tot en met 4.4 beschreven budgetsystematiek. Het betreft de volgende huisartsenposten: – Dokterswacht Friesland B.V.; – Stichting Dokter Drenthe; – Medische Regio Groep BV, Medrie B.V.; – HKN Acute Zorg; – Nucleus Huisartsenposten B.V.; – Stichting Huisartsendienstenstructuur Zeeland. Voor bovengenoemde HDS’en geldt voor de vaststelling van het budget jaar t+1, in afwijking van hetgeen is beschreven in artikelen 4.1 tot en met 4.5, dat: – het door de NZa vastgestelde budget jaar t te beschouwen is als 100% norm; – het door de NZa vastgestelde budget jaar t het vertrekpunt is voor het lokale overleg tussen de HDS en de representerende zorgverzekeraars, maar geen trekkingsrecht vormt; – een plusmodule van maximaal 10% kan worden afgesproken. 7 De HDS en de representerende zorgverzekeraars dienen jaarlijks vóór 1 november van het jaar t gezamenlijk een nieuw tariefverzoek voor het jaar t+1 in. In het tariefverzoek zijn minimaal de volgende elementen opgenomen: – het aantal aangesloten huisartsen bij de HDS; – het aantal inwoners in het adherente gebied van de HDS plus de gespecificeerde correcties daarop; – het adherente gebied van de HDS op basis van gemeenten en postcodes, uitgesplitst naar stedelijk of plattelandsgebied; – de eventueel overeengekomen plusmodule; – de productieraming in termen van aantal verwachte triageconsulten, consulten en visites; – het begrote (reguliere) aantal actieve huisartsenuren en aantal achterwachturen; – een eventuele (meerjarige) business-case waarin de overheveling van de patiëntenstroom vanuit 2e lijn is vastgelegd 2 ; – bij verlenging van de samenwerking met SEH/ziekenhuis en/of bijvoorbeeld de RAV een opnieuw getekende overeenkomst tussen de HDS en de SEH/ziekenhuizen en/of bijvoorbeeld de RAV; – het totale overeengekomen benodigde kostenbudget voor het jaar t+1. Indien in de loop van het jaar t+1 blijkt dat het volume en/of de hoogte van het budget verkeerd is ingeschat, kunnen de HDS en de representerende zorgverzekeraars een nieuw vast tarief aanvragen. Op basis van de gewijzigde productieverwachtingen en/of hoogte van het benodigde kostenbudget zal de NZa een nieuw tarief voor het jaar t+1 vaststellen. De vaststelling van het tarief leidt tot de afgifte van een nieuwe tariefbeschikking voor de HDS. De afgifte van de tariefbeschikking zal niet met terugwerkende kracht worden doorgevoerd.