BWBR0049962
Geldig vanaf 2025-03-01
Artikel 2.4
Wet gegevensverwerking door samenwerkingsverbanden
1. Met het oog op de uitvoering van de activiteiten, bedoeld in artikel 2.5, zijn de door de deelnemers te verstrekken categorieën gegevens:
a. personalia en andere identificerende gegevens van de betrokken natuurlijke persoon of rechtspersoon, waaronder persoonsnummers;
b. identificerende gegevens betreffende vermogensbestanddelen;
c. gegevens die zicht geven op de relatie tussen de betrokken natuurlijke persoon of rechtspersoon en zijn vermogensbestanddelen;
d. gegevens betreffende eerdere onrechtmatigheid in de relatie tussen de betrokken natuurlijke persoon of rechtspersoon en vermogensbestanddelen;
e. gegevens die zicht geven op relevante relaties of contacten van natuurlijke personen of rechtspersonen die mogelijk in verband gebracht kunnen worden met mogelijke onverklaarbare of criminele vermogensbestanddelen of witwasconstructies, met mogelijke financiering van terrorisme of andere financieel-economische criminaliteit;
f. gegevens die zicht geven op het opzetten van mogelijke constructies voor witwassen of financiering van terrorisme of andere financieel-economische criminaliteit;
g. gegevens die relevant kunnen zijn voor de beoordeling van de betrouwbaarheid van natuurlijke personen of rechtspersonen door de toezichthouders;
h. politiegegevens die op grond van artikel 20, derde lid, van de Wet politiegegevens worden verstrekt;
i. justitiële en strafvorderlijke gegevens die op grond van de artikelen 8b en 39fa van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens worden verstrekt.
2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen categorieën van gegevens worden aangevuld en kunnen nadere regels worden gesteld over de categorieën van gegevens, bedoeld in het eerste lid, en de bronnen van waaruit die gegevens afkomstig zijn. De voordracht voor een krachtens dit lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
a. personalia en andere identificerende gegevens van de betrokken natuurlijke persoon of rechtspersoon, waaronder persoonsnummers;
b. identificerende gegevens betreffende vermogensbestanddelen;
c. gegevens die zicht geven op de relatie tussen de betrokken natuurlijke persoon of rechtspersoon en zijn vermogensbestanddelen;
d. gegevens betreffende eerdere onrechtmatigheid in de relatie tussen de betrokken natuurlijke persoon of rechtspersoon en vermogensbestanddelen;
e. gegevens die zicht geven op relevante relaties of contacten van natuurlijke personen of rechtspersonen die mogelijk in verband gebracht kunnen worden met mogelijke onverklaarbare of criminele vermogensbestanddelen of witwasconstructies, met mogelijke financiering van terrorisme of andere financieel-economische criminaliteit;
f. gegevens die zicht geven op het opzetten van mogelijke constructies voor witwassen of financiering van terrorisme of andere financieel-economische criminaliteit;
g. gegevens die relevant kunnen zijn voor de beoordeling van de betrouwbaarheid van natuurlijke personen of rechtspersonen door de toezichthouders;
h. politiegegevens die op grond van artikel 20, derde lid, van de Wet politiegegevens worden verstrekt;
i. justitiële en strafvorderlijke gegevens die op grond van de artikelen 8b en 39fa van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens worden verstrekt.
2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen categorieën van gegevens worden aangevuld en kunnen nadere regels worden gesteld over de categorieën van gegevens, bedoeld in het eerste lid, en de bronnen van waaruit die gegevens afkomstig zijn. De voordracht voor een krachtens dit lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.