Artikel 1
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt onder verstaan onder:
– asielzoeker: een vreemdeling wiens vrijheid niet rechtens is ontnomen en door wie of ten behoeve van wie een asielaanvraag is ingediend;
– COA: Centraal Orgaan opvang asielzoekers, bedoeld in artikel 2 van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers;
– college: college van burgemeester en wethouders;
– Onze Minister: Onze Minister van Justitie en Veiligheid;
– opvang: de materiele en immateriële opvang van asielzoekers, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers;
– opvangplaats: een plaats bestemd voor de opvang van één asielzoeker in een opvangvoorziening;
– opvangvoorziening: een accommodatie waarin door of onder verantwoordelijkheid van het COA onderscheidenlijk door of onder verantwoordelijkheid van het college opvang wordt geboden aan asielzoekers.
– asielzoeker: een vreemdeling wiens vrijheid niet rechtens is ontnomen en door wie of ten behoeve van wie een asielaanvraag is ingediend;
– COA: Centraal Orgaan opvang asielzoekers, bedoeld in artikel 2 van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers;
– college: college van burgemeester en wethouders;
– Onze Minister: Onze Minister van Justitie en Veiligheid;
– opvang: de materiele en immateriële opvang van asielzoekers, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers;
– opvangplaats: een plaats bestemd voor de opvang van één asielzoeker in een opvangvoorziening;
– opvangvoorziening: een accommodatie waarin door of onder verantwoordelijkheid van het COA onderscheidenlijk door of onder verantwoordelijkheid van het college opvang wordt geboden aan asielzoekers.