BWBR0049111
Geldig vanaf 2023-12-31
Artikel 1.4
Wet minimumbelasting 2024
1. Indien de financiële verslaggeving van een groepsentiteit is opgesteld in een functionele valuta die afwijkt van de presentatievaluta van de geconsolideerde jaarrekening van de uiteindelijkemoederentiteit, worden voor de toepassing van de hoofdstukken 6en 7de bedragen die zijn uitgedrukt in de functionele valuta omgerekend naar de presentatievaluta op basis van de valutaconversieprincipes van de geautoriseerde financiële verslaggevingsstandaard die worden gebruikt bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening van de uiteindelijkemoederentiteit.
2. Indien de verschuldigde bijheffing, bedoeld in de artikelen 3.2, eerste lid, 4.2, eerste en vierde lid, en 5.2, eerste lid, is berekend in een andere valuta dan de euro, wordt deze omgerekend naar de euro tegen de referentiewisselkoers die is vastgesteld door de Europese Centrale Bank op de laatste dag van het verslagjaar waarover de bijheffing is verschuldigd.
3. Indien de geconsolideerde jaarrekening van de uiteindelijkemoederentiteit niet is opgesteld in euro’s, worden voor de toepassing van de definitie van materiële concurrentieverstoring in artikel 1.2, eerste lid, alsmede voor de toepassing van de drempelbedragen in de artikelen 2.1, 6.1, tweede lid, onderdeel c, 6.2, tweede lid, onderdeel f, onder 2°, 7.6, derde lid, 7.8, 8.7, eerste lid, 8.8, eerste, tweede en vijfde lid, 9.1, eerste tot en met derde lid, en 14.2, zesde lid, onderdeel b, de daarvoor van belang zijnde bedragen in de geconsolideerde jaarrekening omgerekend naar de euro.
4. Voor de toepassing van het derde lid worden de bedragen omgerekend tegen de gemiddelde referentiewisselkoers die is vastgesteld door de Europese Centrale Bank voor de maand december van het kalenderjaar dat voorafgaat aan de aanvang van het verslagjaar.
2. Indien de verschuldigde bijheffing, bedoeld in de artikelen 3.2, eerste lid, 4.2, eerste en vierde lid, en 5.2, eerste lid, is berekend in een andere valuta dan de euro, wordt deze omgerekend naar de euro tegen de referentiewisselkoers die is vastgesteld door de Europese Centrale Bank op de laatste dag van het verslagjaar waarover de bijheffing is verschuldigd.
3. Indien de geconsolideerde jaarrekening van de uiteindelijkemoederentiteit niet is opgesteld in euro’s, worden voor de toepassing van de definitie van materiële concurrentieverstoring in artikel 1.2, eerste lid, alsmede voor de toepassing van de drempelbedragen in de artikelen 2.1, 6.1, tweede lid, onderdeel c, 6.2, tweede lid, onderdeel f, onder 2°, 7.6, derde lid, 7.8, 8.7, eerste lid, 8.8, eerste, tweede en vijfde lid, 9.1, eerste tot en met derde lid, en 14.2, zesde lid, onderdeel b, de daarvoor van belang zijnde bedragen in de geconsolideerde jaarrekening omgerekend naar de euro.
4. Voor de toepassing van het derde lid worden de bedragen omgerekend tegen de gemiddelde referentiewisselkoers die is vastgesteld door de Europese Centrale Bank voor de maand december van het kalenderjaar dat voorafgaat aan de aanvang van het verslagjaar.