1. In afwijking van de
artikelen N 7, tweede en derde lid, en
N 8, eerste lid, van de Kieswet, beslist het stembureau met inachtneming van artikel N 7, eerste lid, van de Kieswet, alsmede met inachtneming van het tweede tot en met vierde lid, over de geldigheid van de stem.
2. Ongeldig is de stem uitgebracht op een ander stembiljet dan het stembiljet dat krachtens dit besluit mag worden gebruikt.
3. Voorts is ongeldig de stem die niet als blanco wordt aangemerkt, maar waarbij de kiezer op het stembiljet niet, door het geheel of gedeeltelijk rood maken van zowel het witte stipje, geplaatst vóór een lijst, als het witte stipje, geplaatst vóór het nummer van een kandidaat op die lijst, op ondubbelzinnige wijze heeft kenbaar gemaakt op welke kandidaat hij zijn stem uitbrengt, of waarbij op het stembiljet bijvoegingen zijn geplaatst waardoor de kiezer kan worden geïdentificeerd.
4. Onverminderd het derde lid geldt een stem als uitgebracht op de eerste kandidaat van een lijst indien:
a. de kiezer wél het witte stipje, geplaatst vóór een lijst, geheel of gedeeltelijk rood heeft gemaakt, maar geen wit stipje, geplaatst vóór een kandidaatsnummer, geheel of gedeeltelijk rood heeft gemaakt; en
b. ondubbelzinnig blijkt dat de kiezer niet op een andere kandidaat heeft willen stemmen.