1. Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2023, met dien verstande dat:
a. artikel I, onderdeel A, onder 1, terugwerkt tot en met 1 april 2022;
b. artikel I, onderdeel A, onder 2, terugwerkt tot en met 1 januari 2019;
c. artikel I, onderdeel B, terugwerkt tot en met 1 januari 2022;
d. artikel VII en artikel VIII, onderdeel A, voor het eerst toepassing vinden met betrekking tot boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2023;
e. artikel XXIII, onderdeel D, terugwerkt tot en met 1 juni 2021; en
f. artikel XXIII, onderdeel E, terugwerkt tot en met 1 januari 2021.
2. In afwijking van het eerste lid, treedt artikel IIin werking met ingang van 1 januari 2024 en treden artikel XIV, onderdeel C, onder 2, en artikel XIV, onderdeel D, in werking met ingang van 1 juli 2023.
3. In afwijking van het eerste lid treedt artikel XVin werking met ingang van de dag dat
artikel V, onderdeel A, van de Wet van 14 december 2006 houdende wijziging van enkele belastingwetten ter vermindering van administratieve lasten(Stb. 2006, 681) in werking treedt.