BWBR0047436
Geldig vanaf 2023-07-15
Artikel 6.1a
Wet hersteloperatie toeslagen
1. Een aanvraag als bedoeld in de artikelen 2.14c, 2.14dof 2.14e, wordt ingediend:
a. binnen zes maanden na de datum van inwerkingtreding van artikel 2.14c, artikel 2.14d, onderscheidenlijk artikel 2.14e, indien het overleden kind is overleden voor of op de datum van inwerkingtreding van die artikelen; of
b. binnen zes maanden na de datum van overlijden van het overleden kind, indien het overleden kind is overleden na de datum van inwerkingtreding van afdeling 2.2a.
2. In afwijking van het eerste lid wordt een aanvraag als bedoeld in de artikelen 2.14c, 2.14dof 2.14eingediend tot zes maanden na de dagtekening van de beschikking tot het toepassen van een herstelmaatregel als bedoeld in artikel 2.7door de partner, het kind, onderscheidenlijk de ouder van een overleden kind van wie aannemelijk is dat het in aanmerking gekomen zou zijn voor toekenning van een tegemoetkoming op grond van de artikelen 2.10of 2.11, indien:
a. die beschikking een dagtekening heeft van na 22 april 2024; en
b. het overleden kind is overleden voorafgaand aan de datum van dagtekening van die beschikking.
3. In afwijking van het eerste lid wordt een aanvraag als bedoeld in de artikelen 2.14c, 2.14dof 2.14eingediend tot zes maanden na de dagtekening van de beschikking tot het toekennen van compensatie als bedoeld in artikel 2.14h, eerste lid, door de partner, het kind, onderscheidenlijk de ouder van een overleden kind van wie aannemelijk is dat het in aanmerking gekomen zou zijn voor toekenning van een tegemoetkoming op grond van de artikelen 2.11aof 2.11b, indien:
a. die beschikking een dagtekening heeft van na 22 april 2024; en
b. het overleden kind is overleden voorafgaand aan de datum van dagtekening van die beschikking.
a. binnen zes maanden na de datum van inwerkingtreding van artikel 2.14c, artikel 2.14d, onderscheidenlijk artikel 2.14e, indien het overleden kind is overleden voor of op de datum van inwerkingtreding van die artikelen; of
b. binnen zes maanden na de datum van overlijden van het overleden kind, indien het overleden kind is overleden na de datum van inwerkingtreding van afdeling 2.2a.
2. In afwijking van het eerste lid wordt een aanvraag als bedoeld in de artikelen 2.14c, 2.14dof 2.14eingediend tot zes maanden na de dagtekening van de beschikking tot het toepassen van een herstelmaatregel als bedoeld in artikel 2.7door de partner, het kind, onderscheidenlijk de ouder van een overleden kind van wie aannemelijk is dat het in aanmerking gekomen zou zijn voor toekenning van een tegemoetkoming op grond van de artikelen 2.10of 2.11, indien:
a. die beschikking een dagtekening heeft van na 22 april 2024; en
b. het overleden kind is overleden voorafgaand aan de datum van dagtekening van die beschikking.
3. In afwijking van het eerste lid wordt een aanvraag als bedoeld in de artikelen 2.14c, 2.14dof 2.14eingediend tot zes maanden na de dagtekening van de beschikking tot het toekennen van compensatie als bedoeld in artikel 2.14h, eerste lid, door de partner, het kind, onderscheidenlijk de ouder van een overleden kind van wie aannemelijk is dat het in aanmerking gekomen zou zijn voor toekenning van een tegemoetkoming op grond van de artikelen 2.11aof 2.11b, indien:
a. die beschikking een dagtekening heeft van na 22 april 2024; en
b. het overleden kind is overleden voorafgaand aan de datum van dagtekening van die beschikking.