1. De ACM beoordeelt of de houder van de vergunning kan aantonen aan zijn verplichtingen op lange termijn te kunnen voldoen door te beschikken over een solvabiliteitsprognose over ten minste de eerstvolgende drie jaren waaruit in ieder geval blijkt dat gedurende deze jaren:
a. het eigen vermogen positief is; en
b. de vermogensstructuur, gelet op de risicobereidheid, bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder b, voldoende financieel weerbaar is voor het opvangen van de risico’s, bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel c.
2. De ACM beoordeelt of de houder van de vergunning ten minste eens per maand kan aantonen dat hij gedurende ten minste de eerstvolgende twaalf maanden kan voldoen aan zijn betalingsverplichtingen door over een liquiditeitsprognose te beschikken waaruit blijkt dat de stand van de liquide middelen gedurende die twaalf maanden positief is, rekening houdend met ten minste:
a. een gedurende twee maanden gelijkmatig optredende verdubbeling van de energieprijzen ten opzichte van de gemiddelde energieprijs in de maand voorafgaand aan de maand waarin de liquiditeitsprognose wordt opgesteld, waarbij de verdubbelde energieprijzen gedurende de tien daarop volgende maanden stabiel blijven;
b. een verbruik door afnemers van gas dat gelijk is aan het verbruik in het jaar 2010, uitgaande van de voor de doelgroepen van de houder van de vergunning relevante profielen Aardgas 2010, versie 1.00 29-05-2009, vastgesteld door het Platform Verbruiksprofielen, waarbij wordt uitgegaan van de effectieve etmaal temperaturen (TAC) van 2010, als bedoeld in het bestand ‘profielen aardgas 2010 versie 1_00 met TAC.csv’. Deze profielen zijn beschikbaar bij de ACM (https://www.acm.nl/nl/publicaties/verbruiksprofielen-aardgas-2010);
c. een oninbaarheid van de omzet van 5%.
3. De liquiditeitsprognose:
a. maakt onderscheid tussen de operationele kasstroom, de investeringskasstroom en de financieringskasstroom;
b. geeft inzicht in een maandelijkse stand van de liquide middelen bij een voortdurend en tijdig voldoen aan de leveringsverplichtingen en betalingsverplichtingen van de houder van de vergunning;
c. bevat uitsluitend geprognotiseerde ontvangen financiering die met gegevens of bescheiden is onderbouwd.
4. Indien de houder van de vergunning beschikt over een rechtsgeldige verklaring als bedoeld in
artikel 403, eerste lid, onder f, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, van een rechtspersoon of vennootschap door wie de financiële gegevens van de houder van de vergunning zijn geconsolideerd, kan voor de solvabiliteitsprognose en de liquiditeitsprognose gebruik worden gemaakt van de geconsolideerde financiële gegevens van die rechtspersoon of vennootschap.