1. Op zaken waarin voor de inwerkingtreding van de artikelen XVI, onderdeel A, XXXVI, en XLIII, onderdelen M, N en O, van deze wet beroep in cassatie is ingesteld, blijven de
artikelen 437 en
447 van het Wetboek van Strafvordering,
artikel 31 van de Uitleveringswet en
artikel 32 van de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen zoals deze luidden voor inwerkingtreding van de artikelen XVI, onderdeel A, XXXVI en XLIII, onderdelen M, N, en O, van deze wet van toepassing en is
artikel 432a van het Wetboek van Strafvordering niet van toepassing.
2. Op zaken waarin voor de inwerkingtreding van artikel XLIII, onderdelen R en S, van deze wet een aanvraag tot herziening als bedoeld in
artikel 457, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering dan wel een verzoek tot het instellen van nader onderzoek als bedoeld in
artikel 461, eerste lid, van dat wetboek is gedaan, blijven de
artikelen 460 en
461 van dat wetboek zoals deze luidden voor inwerkingtreding van artikel XLIII, onderdelen R en S, van deze wet van toepassing.