BWBR0045528
Geldig vanaf 2024-06-15
Artikel 7.47
Omgevingsregeling
1. Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het verbranden van bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen in een andere milieubelastende installatie of buiten een installatie, bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0041330/artikel/3.40d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 3.40d</a>en <a href="/wet/BWBR0041330/artikel/3.40e" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3.40e, eerste lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving</a>, worden de gegevens en bescheiden, bedoeld in de artikelen 7.26en 7.27, verstrekt.
2. Als <a href="/wet/BWBR0041330" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragraaf 4.4 van het Besluit activiteiten leefomgeving</a>van toepassing is, worden bij de aanvraag ook de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
a. een beschrijving van de maatregelen die worden getroffen om ervoor te zorgen dat: 1°. de installatie zo wordt ontworpen, uitgerust, onderhouden en geëxploiteerd dat wordt voldaan aan paragraaf 4.4 van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarbij rekening wordt gehouden met de afvalcategorieën die worden verbrand of meeverbrand;
2°. de warmte die wordt opgewekt bij het verbrandings- en meeverbrandingsproces zoveel mogelijk wordt gebruikt voor het produceren van warmte, stoom of elektriciteit; en
3°. het ontstaan van residuen en de schadelijkheid ervan zoveel mogelijk worden beperkt en residuen die ontstaan worden gerecycled;
1°. de installatie zo wordt ontworpen, uitgerust, onderhouden en geëxploiteerd dat wordt voldaan aan paragraaf 4.4 van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarbij rekening wordt gehouden met de afvalcategorieën die worden verbrand of meeverbrand;
2°. de warmte die wordt opgewekt bij het verbrandings- en meeverbrandingsproces zoveel mogelijk wordt gebruikt voor het produceren van warmte, stoom of elektriciteit; en
3°. het ontstaan van residuen en de schadelijkheid ervan zoveel mogelijk worden beperkt en residuen die ontstaan worden gerecycled;
b. een beschrijving van de meest ongunstige bedrijfsomstandigheden; en
c. een beschrijving van de structuur van de onderneming en de organisatie.
2. Als <a href="/wet/BWBR0041330" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragraaf 4.4 van het Besluit activiteiten leefomgeving</a>van toepassing is, worden bij de aanvraag ook de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
a. een beschrijving van de maatregelen die worden getroffen om ervoor te zorgen dat: 1°. de installatie zo wordt ontworpen, uitgerust, onderhouden en geëxploiteerd dat wordt voldaan aan paragraaf 4.4 van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarbij rekening wordt gehouden met de afvalcategorieën die worden verbrand of meeverbrand;
2°. de warmte die wordt opgewekt bij het verbrandings- en meeverbrandingsproces zoveel mogelijk wordt gebruikt voor het produceren van warmte, stoom of elektriciteit; en
3°. het ontstaan van residuen en de schadelijkheid ervan zoveel mogelijk worden beperkt en residuen die ontstaan worden gerecycled;
1°. de installatie zo wordt ontworpen, uitgerust, onderhouden en geëxploiteerd dat wordt voldaan aan paragraaf 4.4 van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarbij rekening wordt gehouden met de afvalcategorieën die worden verbrand of meeverbrand;
2°. de warmte die wordt opgewekt bij het verbrandings- en meeverbrandingsproces zoveel mogelijk wordt gebruikt voor het produceren van warmte, stoom of elektriciteit; en
3°. het ontstaan van residuen en de schadelijkheid ervan zoveel mogelijk worden beperkt en residuen die ontstaan worden gerecycled;
b. een beschrijving van de meest ongunstige bedrijfsomstandigheden; en
c. een beschrijving van de structuur van de onderneming en de organisatie.