BWBR0045528
Geldig vanaf 2024-06-15
Artikel 3.68
Omgevingsregeling
1. Bij de aanvraag van het college van burgemeester en wethouders om een reservering voor een woningbouwcluster als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0041313/artikel/10.27" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 10.27, tweede lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving</a>wordt een berekening overgelegd waaruit blijkt dat in AERIUS Register binnen de stikstofdepositieruimte die is verkregen door een maatregel als bedoeld in 3.58, eerste lid, onder d, voldoende stikstofdepositieruimte beschikbaar is voor het woningbouwcluster.
2. Gedeputeerde staten beslissen over de reservering in de volgorde waarin de aanvragen zijn ontvangen.
3. Gedeputeerde staten reserveren alleen stikstofdepositieruimte voor een woningbouwcluster als de woningen niet worden aangesloten op een distributienet voor aardgas.
4. Een reservering voor een woningbouwcluster vervalt voor zover gedeputeerde staten stikstofdepositieruimte reserveren voor de woningbouwprojecten in dat cluster, maar in ieder geval als sinds de reservering twee jaar zijn verstreken.
5. Gedeputeerde staten kunnen de termijn, bedoeld in het vierde lid, eenmaal verlengen met ten hoogste een jaar.
2. Gedeputeerde staten beslissen over de reservering in de volgorde waarin de aanvragen zijn ontvangen.
3. Gedeputeerde staten reserveren alleen stikstofdepositieruimte voor een woningbouwcluster als de woningen niet worden aangesloten op een distributienet voor aardgas.
4. Een reservering voor een woningbouwcluster vervalt voor zover gedeputeerde staten stikstofdepositieruimte reserveren voor de woningbouwprojecten in dat cluster, maar in ieder geval als sinds de reservering twee jaar zijn verstreken.
5. Gedeputeerde staten kunnen de termijn, bedoeld in het vierde lid, eenmaal verlengen met ten hoogste een jaar.