Artikel 1
1. Als lidstaten op het grondgebied waarvan een uitbraak van een voor evenhoevigen besmettelijke dierziekte is bevestigd als bedoeld in artikel 2.10f, eerste, tweede en vijfde lid, van het Besluit houders van dierenworden aangewezen:
a. Roemenië;
b. Litouwen;
c. Polen;
d. Slowakije;
e. Griekenland;
f. Letland;
g. Duitsland.
2. De aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, heeft alleen betrekking op vervoermiddelen als bedoeld in artikel 2.10f, eerste en tweede lid, van het Besluit houders van dierenwaarmee evenhoevigen zijn vervoerd.
3. Als lidstaten op het grondgebied waarvan een uitbraak van een voor pluimvee of broedeieren besmettelijke dierziekte is bevestigd als bedoeld in artikel 2.10f, eerste, tweede en vijfde lid, van het Besluit houders van dierenworden aangewezen:
a. Duitsland;
b. Denemarken;
c. Frankrijk;
d. Polen;
e. Bulgarije;
f. Roemenië;
g. Tsjechië;
h. Estland;
i. Litouwen.
4. De aanwijzing, bedoeld in het derde lid, heeft alleen betrekking op vervoermiddelen als bedoeld in artikel 2.10f, eerste en tweede lid, van het Besluit houders van dierenwaarmee pluimvee of broedeieren zijn vervoerd.
a. Roemenië;
b. Litouwen;
c. Polen;
d. Slowakije;
e. Griekenland;
f. Letland;
g. Duitsland.
2. De aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, heeft alleen betrekking op vervoermiddelen als bedoeld in artikel 2.10f, eerste en tweede lid, van het Besluit houders van dierenwaarmee evenhoevigen zijn vervoerd.
3. Als lidstaten op het grondgebied waarvan een uitbraak van een voor pluimvee of broedeieren besmettelijke dierziekte is bevestigd als bedoeld in artikel 2.10f, eerste, tweede en vijfde lid, van het Besluit houders van dierenworden aangewezen:
a. Duitsland;
b. Denemarken;
c. Frankrijk;
d. Polen;
e. Bulgarije;
f. Roemenië;
g. Tsjechië;
h. Estland;
i. Litouwen.
4. De aanwijzing, bedoeld in het derde lid, heeft alleen betrekking op vervoermiddelen als bedoeld in artikel 2.10f, eerste en tweede lid, van het Besluit houders van dierenwaarmee pluimvee of broedeieren zijn vervoerd.