1. De bevoegde autoriteit maakt een besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom openbaar wanneer de termijn waarbinnen de last moet worden uitgevoerd is verstreken of een dwangsom wordt verbeurd.
2. Voordat tot openbaarmaking van het besluit tot het opleggen van een last wordt over gegaan, neemt de bevoegde autoriteit een besluit tot openbaarmaking. Dit besluit bevat:
a. de openbaar te maken gegevens;
b. de wijze van openbaarmaking; en
c. de termijn waarbinnen de openbaarmaking zal plaatsvinden.
3. De bevoegde autoriteit gaat pas over tot openbaarmaking, nadat tien werkdagen zijn verstreken na de dag waarop het besluit aan de onderneming bekend is gemaakt.
4. Als verzocht is om een voorlopige voorziening als bedoeld in
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, wordt de openbaarmaking van het besluit opgeschort tot de uitspraak van de voorzieningenrechter.
5. Openbaar maken van een besluit gebeurt in een vorm dat het besluit niet herleidbaar is tot afzonderlijke natuurlijke- en rechtspersonen, als voorafgaand aan openbaarmaking door de bevoegde autoriteit kan worden vastgesteld dat bij volledige openbaarmaking:
a. bekendmaking van persoonsgegevens onevenredig zou zijn gezien de ernst van de overtreding;
b. deze personen in onevenredige mate schade zou worden berokkend; of
c. een lopend strafrechtelijk onderzoek of een lopend onderzoek door de bevoegde autoriteit zou worden ondermijnd.
6. De bevoegde autoriteit maakt de indiening van een bezwaar of de instelling van een beroep tegen een besluit als bedoeld in het eerste lid, en de uitkomst van dat bezwaar of beroep, bekend zodra dit redelijkerwijs uitvoerbaar is. De beperkingen, bedoeld in het vijfde lid, zijn daarop van overeenkomstige toepassing.