Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
auteurs: professionele literaire makers, waaronder schrijvers en vertalers;
het bestuur: het bestuur van de Stichting Nederlands Letterenfonds;
bezoekers: betalende en niet betalende bezoekers van de activiteiten die zijn geteld op een naar het oordeel van het Letterenfonds duidelijk kenbare en controleerbare wijze;
Letterenfonds: de Stichting Nederlands Letterenfonds;
literatuur: Nederlandstalige en/of Friestalige literatuur;
literair: de Nederlandstalige en/of Friestalige literatuur betreffende;
project: een in de tijd beperkte publieksactiviteit in Nederland op het gebied van de literatuur, of, een activiteit gericht op het binnen- of buitenschools stimuleren van het lezen van literatuur en/of literair creatief schrijven met betalende en niet betalende participanten die zijn geteld op een naar het oordeel van het Letterenfonds duidelijk kenbare en controleerbare wijze (literair-educatief project);
eigen inkomsten: de baten in de jaarrekening, te weten: a. publieksinkomsten;
b. overige inkomsten, te weten: – directe opbrengsten: sponsorinkomsten en overige inkomsten;
– indirecte opbrengsten en
– overige bijdragen.
– directe opbrengsten: sponsorinkomsten en overige inkomsten;
– indirecte opbrengsten en
– overige bijdragen. Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten: – subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
– overige bijdragen uit publieke middelen;
– rentebaten;
– bijdragen in natura;
– kapitalisatie van vrijwilligers;
– waardering vrijkaarten en
– overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.
a. publieksinkomsten;
b. overige inkomsten, te weten: – directe opbrengsten: sponsorinkomsten en overige inkomsten;
– indirecte opbrengsten en
– overige bijdragen.
– directe opbrengsten: sponsorinkomsten en overige inkomsten;
– indirecte opbrengsten en
– overige bijdragen.
– subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
– overige bijdragen uit publieke middelen;
– rentebaten;
– bijdragen in natura;
– kapitalisatie van vrijwilligers;
– waardering vrijkaarten en
– overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.
Nederland: het koninkrijk der Nederlanden;
talentontwikkeling: activiteiten gericht op: • de ontwikkeling van meer gevorderde auteurs op andere dan doorgaans door hen beoefende literaire terreinen;
• het ontwikkelen van talent (waaronder programmeurs van literaire activiteiten) binnen de instelling van de aanvrager;
• het begeleiden van talentvolle beginnende auteurs naar de professionele literaire praktijk - waaronder niet wordt begrepen het bevorderen of begeleiden van amateurschrijvers, educatieve doelstellingen of het stimuleren van cultuurparticipatie van jongeren;
• de ontwikkeling van meer gevorderde auteurs op andere dan doorgaans door hen beoefende literaire terreinen;
• het ontwikkelen van talent (waaronder programmeurs van literaire activiteiten) binnen de instelling van de aanvrager;
• het begeleiden van talentvolle beginnende auteurs naar de professionele literaire praktijk - waaronder niet wordt begrepen het bevorderen of begeleiden van amateurschrijvers, educatieve doelstellingen of het stimuleren van cultuurparticipatie van jongeren;
randstad: de stedelijke regio's Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht.
auteurs: professionele literaire makers, waaronder schrijvers en vertalers;
het bestuur: het bestuur van de Stichting Nederlands Letterenfonds;
bezoekers: betalende en niet betalende bezoekers van de activiteiten die zijn geteld op een naar het oordeel van het Letterenfonds duidelijk kenbare en controleerbare wijze;
Letterenfonds: de Stichting Nederlands Letterenfonds;
literatuur: Nederlandstalige en/of Friestalige literatuur;
literair: de Nederlandstalige en/of Friestalige literatuur betreffende;
project: een in de tijd beperkte publieksactiviteit in Nederland op het gebied van de literatuur, of, een activiteit gericht op het binnen- of buitenschools stimuleren van het lezen van literatuur en/of literair creatief schrijven met betalende en niet betalende participanten die zijn geteld op een naar het oordeel van het Letterenfonds duidelijk kenbare en controleerbare wijze (literair-educatief project);
eigen inkomsten: de baten in de jaarrekening, te weten: a. publieksinkomsten;
b. overige inkomsten, te weten: – directe opbrengsten: sponsorinkomsten en overige inkomsten;
– indirecte opbrengsten en
– overige bijdragen.
– directe opbrengsten: sponsorinkomsten en overige inkomsten;
– indirecte opbrengsten en
– overige bijdragen. Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten: – subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
– overige bijdragen uit publieke middelen;
– rentebaten;
– bijdragen in natura;
– kapitalisatie van vrijwilligers;
– waardering vrijkaarten en
– overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.
a. publieksinkomsten;
b. overige inkomsten, te weten: – directe opbrengsten: sponsorinkomsten en overige inkomsten;
– indirecte opbrengsten en
– overige bijdragen.
– directe opbrengsten: sponsorinkomsten en overige inkomsten;
– indirecte opbrengsten en
– overige bijdragen.
– subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
– overige bijdragen uit publieke middelen;
– rentebaten;
– bijdragen in natura;
– kapitalisatie van vrijwilligers;
– waardering vrijkaarten en
– overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.
Nederland: het koninkrijk der Nederlanden;
talentontwikkeling: activiteiten gericht op: • de ontwikkeling van meer gevorderde auteurs op andere dan doorgaans door hen beoefende literaire terreinen;
• het ontwikkelen van talent (waaronder programmeurs van literaire activiteiten) binnen de instelling van de aanvrager;
• het begeleiden van talentvolle beginnende auteurs naar de professionele literaire praktijk - waaronder niet wordt begrepen het bevorderen of begeleiden van amateurschrijvers, educatieve doelstellingen of het stimuleren van cultuurparticipatie van jongeren;
• de ontwikkeling van meer gevorderde auteurs op andere dan doorgaans door hen beoefende literaire terreinen;
• het ontwikkelen van talent (waaronder programmeurs van literaire activiteiten) binnen de instelling van de aanvrager;
• het begeleiden van talentvolle beginnende auteurs naar de professionele literaire praktijk - waaronder niet wordt begrepen het bevorderen of begeleiden van amateurschrijvers, educatieve doelstellingen of het stimuleren van cultuurparticipatie van jongeren;
randstad: de stedelijke regio's Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht.