BWBR0044212
Geldig vanaf 2022-08-01
Artikel 5.29
Wet voortgezet onderwijs 2020
1. Voor de toepassing van de artikelen 5.25 tot en met 5.28gelden uitgaven voor een nevenvestiging als uitgaven voor de hoofdvestiging van de school waaraan de nevenvestiging is verbonden.
2. Voor de toepassing van de artikelen 5.25 tot en met 5.28geldt een nevenvestiging als een nevenvestiging die is gelegen in de gemeente van de hoofdvestiging.
3. Indien voor een school of nevenvestiging uitgaven worden gedaan door meer dan één gemeente, gelden deze uitgaven als uitgaven van de gemeente waar de hoofdvestiging is gelegen. In dat geval neemt de laatstbedoelde gemeente de besluiten op grond van de artikelen 5.25 tot en met 5.28en hebben deze besluiten ook betrekking op de uitgaven van de andere gemeente of gemeenten.
2. Voor de toepassing van de artikelen 5.25 tot en met 5.28geldt een nevenvestiging als een nevenvestiging die is gelegen in de gemeente van de hoofdvestiging.
3. Indien voor een school of nevenvestiging uitgaven worden gedaan door meer dan één gemeente, gelden deze uitgaven als uitgaven van de gemeente waar de hoofdvestiging is gelegen. In dat geval neemt de laatstbedoelde gemeente de besluiten op grond van de artikelen 5.25 tot en met 5.28en hebben deze besluiten ook betrekking op de uitgaven van de andere gemeente of gemeenten.