BWBR0044212
Geldig vanaf 2022-08-01
Artikel 3.8
Wet voortgezet onderwijs 2020
1. Indien de openbare rechtspersoon een raad van toezicht heeft, is artikel 3.5, eerste lidniet van toepassing en bevat de verordening, onverminderd artikel 3.3in elk geval een regeling van:
a. de samenstelling, werkwijze en inrichting van de raad van toezicht van de openbare rechtspersoon;
b. de wijze van benoeming, schorsing en ontslag van de leden van de raad van toezicht, met dien verstande dat ten minste een derde gedeelte en ten hoogste de helft van die leden wordt benoemd op de bindende voordracht van de ouders van de leerlingen die zijn ingeschreven op de betrokken school of scholen;
c. de termijn waarvoor de leden van de raad van toezicht worden benoemd;
d. de vaststelling van de begroting en de jaarrekening; en
e. de periode waarvoor de openbare rechtspersoon in het leven wordt geroepen en die ten minste vijf jaar is.
2. De verordening verzekert een overheersende invloed van de gemeente in de raad van toezicht
a. de samenstelling, werkwijze en inrichting van de raad van toezicht van de openbare rechtspersoon;
b. de wijze van benoeming, schorsing en ontslag van de leden van de raad van toezicht, met dien verstande dat ten minste een derde gedeelte en ten hoogste de helft van die leden wordt benoemd op de bindende voordracht van de ouders van de leerlingen die zijn ingeschreven op de betrokken school of scholen;
c. de termijn waarvoor de leden van de raad van toezicht worden benoemd;
d. de vaststelling van de begroting en de jaarrekening; en
e. de periode waarvoor de openbare rechtspersoon in het leven wordt geroepen en die ten minste vijf jaar is.
2. De verordening verzekert een overheersende invloed van de gemeente in de raad van toezicht