1. In de analyse, bedoeld in
artikel 8:25, eerste lid, van de wetneemt de zorgaanbieder in ieder geval op:
a. de ontwikkeling van het aantal crisismaatregelen, machtigingen tot voortzetting van een crisismaatregel, of zorgmachtigingen, met inbegrip van machtigingen afgegeven op grond van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen, ten opzichte van de voorgaande vijf kalenderjaren;
b. in welke mate verplichte zorg zoals vermeld in een crisismaatregel, machtiging tot voortzetting van een crisismaatregel of zorgmachtiging daadwerkelijk tot uitvoering is gebracht;
c. een duiding van de verleende verplichte zorg, waaronder in elk geval de vormen van verplichte zorg als bedoeld in artikel 3:2, tweede lid, onderdelen a, b, c of j, van de wet;
d. een duiding van de verleende verplichte zorg, anders dan die in een accommodatie aan een betrokkene is verleend, als bedoeld in artikel 2:4, eerste lid, van de wet;
e. in hoeverre en op welke wijze verplichte zorg is voorkomen, dan wel voorkomen had kunnen worden;
f. welke leer- en ontwikkelpunten op grond van onderdelen a tot en met e zijn geïdentificeerd, op welke wijze daaraan uitvoering wordt gegeven, en in hoeverre dit aanleiding geeft tot aanpassing van het beleidsplan, bedoeld in artikel 2:2 van de wet.
2. De zorgaanbieder stelt de door hem op grond van
artikel 3 van de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen 2018ingestelde en ter zake betrokken cliëntenraad gedurende vier weken in de gelegenheid om een reactie uit te brengen over de analyse, bedoeld in het eerste lid, en voegt deze toe aan de analyse. Indien de cliëntenraad geen reactie heeft gegeven, vermeldt de zorgaanbieder in de analyse wanneer hij de cliëntenraad hiertoe in de gelegenheid heeft gesteld.