Als categorie van deskundigen als bedoeld in
artikel 1, eerste lid, onderdeel g, van de wetworden aangewezen:
a. orthopedagoog-generalist;
b. gezondheidszorgpsycholoog;
c. verpleegkundige;
d. physician assistant;
e. verzorgende individuele gezondheidszorg;
f. degene aan wie een getuigschrift is uitgereikt waaruit blijkt dat betrokkene met goed gevolg het afsluitende examen heeft afgelegd van een opleiding die is opgenomen in het Centraal register beroepsopleidingen als bedoeld in artikel 6.4.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, en die voor het grootste deel gericht is op: – agogisch medewerker GGZ;
– begeleider gehandicaptenzorg;
– begeleider specifieke groepen;
– persoonlijk begeleider gehandicaptenzorg;
– persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen;
– thuisbegeleider.
– agogisch medewerker GGZ;
– begeleider gehandicaptenzorg;
– begeleider specifieke groepen;
– persoonlijk begeleider gehandicaptenzorg;
– persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen;
– thuisbegeleider.
g. degene aan wie een getuigschrift is uitgereikt waaruit blijkt dat betrokkene met goed gevolg het afsluitende examen heeft afgelegd van een opleiding die is opgenomen in het Centraal register opleidingen hoger onderwijs als bedoeld in artikel 6.13 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, en die voor het grootste deel gericht is op: – applied behavioral and social sciences
– behavioural and social sciences
– gezondheid en leven
– pedagogiek
– pedagogische wetenschappen
– psychologie
– sociaal pedagogische hulpverlening
– applied behavioral and social sciences
– behavioural and social sciences
– gezondheid en leven
– pedagogiek
– pedagogische wetenschappen
– psychologie
– sociaal pedagogische hulpverlening