Artikel 1
Aan de inspecteur-generaal Leefomgeving en Transport wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend voor de handhaving ten aanzien van aangelegenheden die verband houden met de artikelen 4 tot en met 6en de artikelen 8 tot en met 16 van het Besluit gefluoreerde broeikasgassen en ozonlaagafbrekende stoffen.