1. De secretaris-generaal heeft onder andere tot taak:
a. de algemene leiding van het Ministerie;
b. het informeren en adviseren van de bewindspersonen over alle aangelegenheden het Ministerie betreffende;
c. het voorzitten van de Bestuursraad.
De SG geeft leiding aan de volgende centrale dienstonderdelen:
a. de directie Ondersteuning Bestuur (DOB). DOB is als stafdirectie belast met ondersteuning van de politieke en ambtelijke leiding van het Ministerie bij interne beleidsvorming en besluitvorming, het algemene management van het Ministerie en de externe contacten (zoals de communicatie met de Eerste en Tweede Kamer en het optreden van het Ministerie in het interdepartementale verkeer);
b. de directie Communicatie (COM). COM is belast met de interne en externe communicatie van de beleidsdoelstellingen van het Ministerie. De werkzaamheden hebben betrekking op de (strategie over de) implementatie en het naar buiten uitdragen en verklaren van beleidsvoornemens op strategisch, tactisch en operationeel niveau vanuit de beleidsterreinen van het Ministerie;
c. de directie Financieel-Economische Zaken (FEZ). FEZ is concerncontroller en adviseert de politieke en ambtelijke leiding conform de Comptabiliteitswet en het Besluit FEZ van het Rijk. Zij ondersteunt de budgethouders bij besluitvorming op centraal en decentraal niveau, bewaakt de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid, bevordert de integratie van beheer en beleid en levert daardoor een bijdrage aan het realiseren van de beleidsdoelstellingen van het Ministerie. FEZ doet dit door kaders voor bedrijfsvoering te stellen, op hoofdlijnen toezicht te houden, financiële en andere bedrijfsvoeringprocessen te begeleiden en ondersteunen, alsmede te adviseren waar dat gewenst wordt of zij dit noodzakelijk acht. FEZ is belast met aansturing van de financiële functie op het departement en de posten (domeinsturing);
d. de eenheid Strategische Advisering (ESA). ESA zet zich in voor de versterking van het strategisch vermogen van het Ministerie inclusief de posten door bij te dragen aan buitenlands beleid dat zo veel mogelijk toekomstbestendig, op kennis gebaseerd, extern gericht en coherent is. ESA doet dat op drie manieren: door relevante ontwikkelingen en trends te signaleren, door de politieke en ambtelijke leiding te adviseren en door beleidsdirecties en posten te faciliteren bij strategisch en toekomstgericht denken. De Historische Eenheid van het Ministerie maakt deel uit van ESA;
e. het innovatieteam DARE. DARE staat voor Durven, Ambitie, Resultaat en Effectief. DARE ondersteunt veranderingen in de organisatie, zoals Het Nieuwe Werken;
f. de ambassadeur(s) in Algemene Dienst (AMAD).
2. De plaatsvervangend secretaris-generaal is Chief Information Officer (CIO) binnen het Ministerie en verantwoordelijk voor de informatievoorziening. Hij is voorzitter van de Managementraad en heeft tevens de leiding over de volgende centrale dienstonderdelen:
a. de directie Vertalingen (AVT). AVT is belast met het verzorgen van vertalingen in en uit de vreemde talen voor het Ministerie, andere ministeries, het Koninklijk Huis, het Kabinet van de Minister-President en voor Hoge Colleges van Staat. AVT verstrekt tevens taalkundige en culturele adviezen;
b. de directie Juridische Zaken (DJZ). DJZ is belast met het behandelen van vraagstukken op alle terreinen van het recht. DJZ treedt op als agent van het Koninkrijk der Nederlanden, dan wel Nederland, voor de Europese en andere internationaalrechtelijke colleges (o.a. in Den Haag, Luxemburg en Straatsburg). DJZ is expertisecentrum voor de rijksoverheid en treedt op als raadsman van het Ministerie voor de bestuurs- en civiele rechter. Tot de taken van DJZ behoren tevens volkenrechtelijke advisering, het coördineren van de voorbereiding tot en met de bekendmaking van de verdragen voor het Koninkrijk der Nederlanden, het opstellen van wetgeving van het Ministerie, het coördineren van zaken op het gebied van de Wet openbaarheid van bestuur, van de Algemene verordening gegevensbescherming en van de Nationale ombudsman;
c. de directie Protocol en Gastlandzaken (DPG). DPG is belast met het gastlandbeleid van Nederland. Dit omvat het faciliteren van ambassades en internationale organisaties en hun medewerkers in Nederland, alsmede het handhaven en implementeren van de wet- en regelgeving op dit gebied. Daarnaast organiseert DPG de staats-, officiële en (werk)bezoeken van inkomende hoogwaardigheidsbekleders, alsmede evenementen voor het corps diplomatique. DPG vervult protocoltaken, inclusief het regeringsprotocol. De Ambassadeur voor Internationale Organisaties (AMIO) is aan DPG verbonden;
d. de hoofddirectie Personeel en Organisatie (HDPO). HDPO is belast met de ontwikkeling en implementatie van beleid, kaders, systemen en instrumenten op het gebied van organisatie en personeel van het Ministerie en ten aanzien van internationaal werkende ambtenaren rijksbreed. Daarnaast adviseert en ondersteunt HDPO het lijnmanagement bij de toepassing ervan. HDPO monitort die toepassing en rapporteert daarover aan (P)SG. HDPO is tevens belast met de ontwikkeling en organisatie van opleidingsprogramma’s ten behoeve van alle medewerkers van het Ministerie alsmede internationaal werkende ambtenaren rijksbreed (Academie voor Internationale Betrekkingen);
e. de directie Internationaal Onderzoek en Beleidsevaluatie (IOB). IOB is belast met het leveren van een bijdrage aan kennis over de uitvoering en effecten van het Nederlands buitenlands beleid. IOB voorziet in onafhankelijke evaluatie van beleid en uitvoering ten aanzien van alle beleidsterreinen die vallen onder de Homogene Groep Internationale Samenwerking (HGIS). Voorts adviseert IOB over de programmering en uitvoering van de evaluaties die onder verantwoordelijkheid van beleidsdirecties en posten worden gedaan. IOB is onafhankelijk in de keuze van onderzoeksmethoden, bij de beoordeling van data en in de weging van alternatieve verklaringen, evenals van onderzoek of onderzoeksvoorstellen van anderen;
f. de directie Inspectie Signalering en Begeleiding (ISB). ISB is belast met de organisatiedoorlichting van posten en directies, gericht op een onafhankelijke en integrale beoordeling van het functioneren van de beleids- en bedrijfsvoering en op advisering ter optimalisering daarvan;
g. de directie Bedrijfsvoering (DBV). DBV is belast met het beleid en de kaderstelling op het gebied van huisvesting, facilitaire dienstverlening, inkoop, informatievoorziening en archivering. DBV is belast met fysieke beveiliging, informatiebeveiliging, personele en persoonsbeveiliging, alsmede met de advisering op deze gebieden. Voorts is DBV verantwoordelijk voor de ontwikkeling en implementatie van het integriteitsbeleid, alsmede voor gegevensbescherming en crisisbeheersing. DBV is lijnverantwoordelijk voor de hoofden van de RSO’s;
h. de Regionale Service Organisaties (RSO). RSO’s zijn belast met de uitvoering van bedrijfsvoeringstaken en consulaire taken van de posten in de diverse regio’s. De taken van de RSO’s worden stapsgewijs overgeheveld naar drie centrale shared service organisaties op het departement voor respectievelijk financiële taken (FSO), consulaire taken (CSO) en niet-financiële bedrijfsvoeringstaken (3W);
i. de Financiële Service Organisatie (FSO). FSO is een shared service organisatie die zorgt voor de administratie van de uitgaven op de budgetten van de posten in het buitenland en de directies in Den Haag. De FSO verricht voorts taken op het vlak van inkoopadvisering en contractenbeheer ten behoeve van de posten en de directies;
j. 3W | WereldWijd Werken (3W). 3W is een shared service organisatie belast met de levering van producten en diensten ter ondersteuning van diegenen die voor de Nederlandse overheid in het buitenland werken, reizen en verblijven. DBV fungeert als opdrachtgever van 3W.