BWBR0041313
Geldig vanaf 2024-01-01
Artikel 3.45
Besluit kwaliteit leefomgeving
1. In plaats van te voldoen aan de plicht tot vaststelling van een programma, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0037885/artikel/3.10" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3.10, eerste lid, van de wet</a>, treffen de volgende bestuursorganen of instanties maatregelen, gericht op het voldoen aan een geluidproductieplafond als omgevingswaarde:
a. voor bij omgevingsverordening aangewezen wegen: gedeputeerde staten;
b. voor bij omgevingsverordening aangewezen lokale spoorwegen: de op grond van artikel 18, eerste lid, van de Wet lokaal spoor aangewezen beheerder;
c. voor bij ministeriële regeling aangewezen wegen: Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat; en
d. voor bij ministeriële regeling aangewezen hoofdspoorwegen: de beheerder, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Spoorwegwet.
2. Voor een industrieterrein geeft het college van burgemeester en wethouders, of, als toepassing is gegeven aan <a href="/wet/BWBR0037885/artikel/2.12a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 2.12a van de wet</a>, geven gedeputeerde staten uitvoering aan <a href="/wet/BWBR0037885/artikel/3.10" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3.10 van de wet</a>door:
a. maatregelen te treffen, gericht op het voldoen aan een geluidproductieplafond als omgevingswaarde; of
b. te voldoen aan de plicht, bedoeld in artikel 3.10, eerste lid, van de wet.
a. voor bij omgevingsverordening aangewezen wegen: gedeputeerde staten;
b. voor bij omgevingsverordening aangewezen lokale spoorwegen: de op grond van artikel 18, eerste lid, van de Wet lokaal spoor aangewezen beheerder;
c. voor bij ministeriële regeling aangewezen wegen: Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat; en
d. voor bij ministeriële regeling aangewezen hoofdspoorwegen: de beheerder, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Spoorwegwet.
2. Voor een industrieterrein geeft het college van burgemeester en wethouders, of, als toepassing is gegeven aan <a href="/wet/BWBR0037885/artikel/2.12a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 2.12a van de wet</a>, geven gedeputeerde staten uitvoering aan <a href="/wet/BWBR0037885/artikel/3.10" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3.10 van de wet</a>door:
a. maatregelen te treffen, gericht op het voldoen aan een geluidproductieplafond als omgevingswaarde; of
b. te voldoen aan de plicht, bedoeld in artikel 3.10, eerste lid, van de wet.