BWBR0041313
Geldig vanaf 2024-01-01
Artikel 11.66
Besluit kwaliteit leefomgeving
1. Door monitoring worden bewaakt de emissies van de broeikasgassen, bedoeld in bijlage V, deel 2, bij de verordening governance van de energie-unie.
2. Monitoring vindt plaats door het voor die broeikasgassen opstellen van de broeikasgasinventarissen, bedoeld in artikel 26 van de verordening governance van de energie-unie, en het nationale inventarisatiesysteem, bedoeld in artikel 37 van die verordening.
3. Onze Minister voor Klimaat en Energie is belast met de uitvoering van de monitoring.
2. Monitoring vindt plaats door het voor die broeikasgassen opstellen van de broeikasgasinventarissen, bedoeld in artikel 26 van de verordening governance van de energie-unie, en het nationale inventarisatiesysteem, bedoeld in artikel 37 van die verordening.
3. Onze Minister voor Klimaat en Energie is belast met de uitvoering van de monitoring.