BWBR0041313
Geldig vanaf 2024-01-01
Artikel 10.10
Besluit kwaliteit leefomgeving
In een ruilbesluit zijn niet uitruilbaar:
a. gronden met een uitzonderlijk slechte cultuurtoestand;
b. gronden met een zeer oneffen maaiveld;
c. heidevelden, hoogveenterreinen, zandverstuivingen, duinterreinen, kwelders, schorren, gorzen, slikken, riet- en ruiglanden en laagveenmoerassen, die niet als cultuurgrond in gebruik zijn;
d. te diep ontgronde percelen;
e. gronden waarop sport- of recreatieterreinen liggen;
f. gronden waarop spoorwegen liggen;
g. de volgende gronden waarvoor op grond van afdeling 11.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving een herbeplantingsplicht geldt: 1°. gronden met een houtopstand groter dan 10 are; en
2°. gronden waarop een houtopstand groter dan 10 are heeft gestaan; en
1°. gronden met een houtopstand groter dan 10 are; en
2°. gronden waarop een houtopstand groter dan 10 are heeft gestaan; en
h. boomgaarden en andere gronden met meerjarige gewassen.
a. gronden met een uitzonderlijk slechte cultuurtoestand;
b. gronden met een zeer oneffen maaiveld;
c. heidevelden, hoogveenterreinen, zandverstuivingen, duinterreinen, kwelders, schorren, gorzen, slikken, riet- en ruiglanden en laagveenmoerassen, die niet als cultuurgrond in gebruik zijn;
d. te diep ontgronde percelen;
e. gronden waarop sport- of recreatieterreinen liggen;
f. gronden waarop spoorwegen liggen;
g. de volgende gronden waarvoor op grond van afdeling 11.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving een herbeplantingsplicht geldt: 1°. gronden met een houtopstand groter dan 10 are; en
2°. gronden waarop een houtopstand groter dan 10 are heeft gestaan; en
1°. gronden met een houtopstand groter dan 10 are; en
2°. gronden waarop een houtopstand groter dan 10 are heeft gestaan; en
h. boomgaarden en andere gronden met meerjarige gewassen.