De verpleegkundig specialisten bedoeld in de artikelen 2, 3, 4 en 5 zijn bevoegd tot het verrichten van de in die artikelen genoemde handelingen voor zover:
a. die handelingen plaatsvinden binnen de uitoefening van het deelgebied van het beroep waarvoor hij een erkende specialistentitel mag voeren;
b. het handelingen betreft van een beperkte complexiteit;
c. het routinematige handelingen betreft;
d. het handelingen betreft waarvan de risico’s te overzien zijn;
e. de handelingen worden uitgeoefend volgens landelijk geldende richtlijnen, standaarden en daarvan afgeleide protocollen.