BWBR0040298
Artikel 25
Subsidiereglement Stimuleringsfonds Creatieve Industrie 2018
1 De subsidieontvanger dient in alle publieke uitingen het Stimuleringsfonds te vermelden
als subsidieverstrekker. In publicaties en verslagen, op uitnodigingen aankondigingen,
websites en audiovisuele producties dient het logo van het Stimuleringsfonds te worden
opgenomen. Wanneer een aanvrager logo’s opneemt van andere sponsors dient ook het
logo van het Stimuleringsfonds in een vergelijkbare grootte en opmaak te worden gebruikt.
2 De subsidieontvanger garandeert dat het project op doelmatige en financieel verantwoorde
wijze wordt uitgevoerd. In dat kader voert de ontvanger een goed beleid en beheer,
gebruikt hij de subsidie op efficiënte wijze voor het doel waarvoor het is verleend
en leeft hij alle verplichtingen na die zijn verbonden aan de subsidieverlening.
3 De subsidieontvanger doet onverwijld een melding bij het bestuur van feiten en omstandigheden
die van belang kunnen zijn voor de subsidieverstrekking. Bij de melding worden de
stukken overgelegd die betrekking hebben op de gemelde feiten en omstandigheden en
wordt de oorzaak van de gemelde feiten en omstandigheden toegelicht. In het geval
van twijfel neemt de subsidieontvanger contact op met het bestuur.
4 Bij de verantwoording, zoals genoemd in de artikelen 26 tot en met 30, wordt ingegaan op de daadwerkelijke uitvoering van het project.
als subsidieverstrekker. In publicaties en verslagen, op uitnodigingen aankondigingen,
websites en audiovisuele producties dient het logo van het Stimuleringsfonds te worden
opgenomen. Wanneer een aanvrager logo’s opneemt van andere sponsors dient ook het
logo van het Stimuleringsfonds in een vergelijkbare grootte en opmaak te worden gebruikt.
2 De subsidieontvanger garandeert dat het project op doelmatige en financieel verantwoorde
wijze wordt uitgevoerd. In dat kader voert de ontvanger een goed beleid en beheer,
gebruikt hij de subsidie op efficiënte wijze voor het doel waarvoor het is verleend
en leeft hij alle verplichtingen na die zijn verbonden aan de subsidieverlening.
3 De subsidieontvanger doet onverwijld een melding bij het bestuur van feiten en omstandigheden
die van belang kunnen zijn voor de subsidieverstrekking. Bij de melding worden de
stukken overgelegd die betrekking hebben op de gemelde feiten en omstandigheden en
wordt de oorzaak van de gemelde feiten en omstandigheden toegelicht. In het geval
van twijfel neemt de subsidieontvanger contact op met het bestuur.
4 Bij de verantwoording, zoals genoemd in de artikelen 26 tot en met 30, wordt ingegaan op de daadwerkelijke uitvoering van het project.