BWBR0040111
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 29
Reglement Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het onderwijs
Voorwaarden voor bekostiging ... Een bevoegd gezag komt in aanmerking voor bekostiging, indien is voldaan aan het bepaalde in het eerste tot en met het vierde lid van dit artikel. 1. Ten aanzien van het bevoegd gezag geldt het bepaalde onder a tot en met h. a. het bevoegd gezag overlegt per kalenderjaar een door de voorzitter van het bevoegd gezag ondertekende verklaring, waarin wordt verklaard dat de gegevens die betrekking hebben op de bekostiging van vervanging als bedoeld in dit Reglement, correct en volledig worden ingevuld; b. de verklaring genoemd onder a dient uiterlijk op 31 januari van het kalenderjaar waarop deze verklaring betrekking heeft door het Vervangingsfonds te zijn ontvangen; c. het bevoegd gezag is geen eigenrisicodrager als bedoeld in paragraaf 2.2 ; d. het bevoegd gezag draagt premie af voor het personeelslid; e. het bevoegd gezag heeft een vervanger ingezet in verband met de afwezigheid van een personeelslid op grond van de afwezigheidsgronden, genoemd in artikel 28 ; f. het bevoegd gezag heeft ten behoeve van afwezige geen aanspraak op een uitkering op grond van de Ziektewet ; g. het Vervangingsfonds heeft de declaratie van het bevoegd gezag binnen drie maanden en vijf werkdagen na afloop van de maand waarop de declaratie betrekking heeft ontvangen. h. een bevoegd gezag dat binnen de termijn, genoemd onder g, een vervangingsdeclaratie bij het Vervangingsfonds heeft ingediend, kan ten aanzien van deze declaratie binnen drie maanden en vijf werkdagen een correctie indienen, te rekenen vanaf de dag dat het Vervangingsfonds de betreffende declaratie op voorgeschreven wijze heeft ontvangen. 2. Ten aanzien van vervanging geldt het bepaalde onder a tot en met h. a. de vervanging vindt plaats in de periode van afwezigheid. b. de vervanging moet feitelijk hebben plaatsgevonden; c. de vervanging heeft tot kosten geleid voor het bevoegd gezag die, indien de vervanging niet had plaatsgevonden, niet gemaakt zouden zijn, met uitzondering van het bepaalde in het derde lid, onder b, g en h; d. de vervanging vindt plaats door een vervanger met dezelfde functie als de afwezige; e. vervanging vindt niet plaats gedurende de zomervakantie, met uitzondering van vervanging van directieleden en onderwijsondersteunend personeel; f. vervanging van leraren en directieleden gedurende overige schoolvakanties dan genoemd onder e vindt niet plaats door extern personeel via een uitzendbureau dan wel via een payroll onderneming. g. in afwijking van het bepaalde onder e, komt vervanging van leraren, gedurende de zomervakantie in aanmerking voor bekostiging, indien het bevoegd gezag: 1° gedurende deze periode onderwijsactiviteiten verricht, die gelden als onderwijstijd als bedoeld in artikel 8 van de WPO dan wel artikel 12 van de WEC ; 2° bevoegd is om de onderwijsactiviteiten, genoemd onder 1°, te verrichten. h. het afwezige personeelslid dat wordt vervangen heeft geen dienstverband op basis van een participatiebaan als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onder d van de CAO PO. 3. De vervanging geschiedt op één van de wijzen genoemd onder a tot en met h: a. door een personeelslid dat ten behoeve van de vervanging is aangesteld dan wel is benoemd, waarbij uit akte van aanstelling dan wel de akte van benoeming blijkt welk personeelslid wordt vervangen, gedurende welke periode de vervanging heeft plaatsgevonden en de werktijdfactor dan wel het aantal uren op het tijdstip van de aanvang van het dienstverband. b. door een personeelslid dat een akte van aanstelling dan wel een akte van benoeming heeft conform bijlage 1A, onder c dan wel 1B, onder c van de CAO PO. Hierbij geldt dat het personeelslid: 1° is geplaatst in een vervangingspool; of 2° werkzaam is in een functie die geplaatst is in het RDDF; of 3° in de tweede fase van een sociaal plan zit, als bedoeld in hoofdstuk 10.3 van de CAO PO, en met ontslag wordt bedreigd; of 4° vrijwillig aangemeld personeel is. c. door een personeelslid dat een tijdelijke uitbreiding van zijn dienstverband heeft ten behoeve van de vervanging, waarbij uit de akte van aanstelling voor de tijdelijke uitbreiding dan wel de akte van benoeming voor de tijdelijke uitbreiding in ieder geval blijkt welk personeelslid wordt vervangen, de periode van vervanging en de werktijdfactor dan wel het aantal uren op het tijdstip van de aanvang van de tijdelijke uitbreiding. d. door een personeelslid in dienst van een ander bevoegd gezag, niet zijnde een samenwerkingsverband, dat op basis van detachering te werk wordt gesteld. e. door personeel via een uitzendbureau dan wel via een payroll onderneming. Hierbij geldt dat: 1° het bevoegd gezag een contract heeft gesloten met het uitzendbureau dan wel de payroll onderneming, waarin is overeengekomen dat aan de vervanger een honorering conform de CAO PO wordt toegekend; 2° het uitzendbureau dan wel de payroll onderneming beschikt over een keurmerk Stichting Normering Arbeid; 3° in de declaratie van het uitzendbureau dan wel de payroll is een urenspecificatie van de vervanger opgenomen. f. door extern personeel, niet zijnde personeel van een uitzendorganisatie dan wel een payroll onderneming. Hierbij geldt dat de vervanger wordt ingezet ten behoeve van vervanging van directieleden en onderwijsondersteunend personeel, en dat in de declaratie van het extern personeel een urenspecificatie van de vervanger is opgenomen. g. door een personeelslid dat werkzaam is op basis van een: 1° benoeming als bedoeld in Bijlage IA.1 onder a van de CAO PO; 2° benoeming als bedoeld in Bijlage IA.1 onder b van de CAO PO; 3° min-max-contract als bedoeld in Bijlage IA.2 van de CAO PO; 4° bindingscontract als bedoeld in Bijlage IA.3 van de CAO PO; 5° aanstelling als bedoeld in Bijlage IB.1 onder a van de CAO PO, met inachtneming van het bepaalde onder i; 6° aanstelling als bedoeld in Bijlage IB.1 onder b van de CAO PO; 7° min-max-aanstelling als bedoeld in Bijlage IB.2 van de CAO PO; 8° bindingsaanstelling als bedoeld in Bijlage IB.3 van de CAO PO. h. door een personeelslid dat werkzaam is op basis van een min-max-contract voor onbepaalde tijd dat is de periode 27 april tot 8 juli 2016 is aangegaan dan wel van rechtswege is ontstaan. i. Bij de bekostiging op grond van het derde lid, onder g en onder 5°, geldt het bepaalde onder 1° en 2°. 1° het openbaar schoolbestuur meldt schriftelijk bij het Vervangingsfonds dat het gebruik heeft gemaakt van de keuzemogelijkheid van artikel 4.6 van de CAO PO; 2° de vervanging komt voor bekostiging in aanmerking met ingang van de maand volgend op de maand waarin het schoolbestuur de melding als bedoeld onder 1° heeft gedaan bij het Vervangingsfonds. 4. Indien het Vervangingsfonds ten aanzien van een door een bevoegd gezag ingediende vervangingsdeclaratie bij dit bevoegd gezag aanvullende gegevens dan wel documenten heeft opgevraagd, dan geldt het bepaalde onder a en b. a. het Vervangingsfonds dient de aanvullende gegevens dan wel documenten binnen een termijn van acht weken te hebben ontvangen; b. de termijn, genoemd onder a, vangt aan op de dag waarop het Vervangingsfonds de aanvullende gegevens dan wel documenten bij het bevoegd gezag heeft opgevraagd.