BWBR0040098
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 20
Beleidsregels vereveningsbijdrage zorgverzekering 2018
FKG GGZ ... 1 Het Zorginstituut baseert zich voor het geraamde aantal verzekerden voor het criterium FKG GGZ per zorgverzekeraar op: a. de indeling in FKG GGZ klassen 2018 zoals weergegeven in het referentiebestand dat is opgenomen in bijlage 8 van deze Beleidsregels; b. de opgave per 1 juni 2017 van declaraties farmaceutische hulp 2016 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer van de zorgverzekeraars aan het Zorginstituut. 2 Het Zorginstituut koppelt de declaraties, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, met behulp van het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PKB 2017 en bepaalt op basis hiervan met inachtneming van artikel 9, vierde lid, van de Regeling en bijlage 8 van deze Beleidsregels, in welke FKG GGZ klassen de verzekerde wordt ingedeeld. Aan de verzekerde koppelt het Zorginstituut een zwaarte van 1 voor de betreffende klassen. 3 Het Zorginstituut past per verzekerde per klasse van het criterium FKG GGZ 2018 de trendtabel voor dit criterium toe voor de geraamde prevalentieontwikkeling. Het Zorginstituut vermenigvuldigt de zwaarte, genoemd in het tweede lid, met de toepasselijke trendfactor uit de trendtabel. Het Zorginstituut past voor verzekerden die in het PKB 2017 voor het eerst voorkomen per FKG GGZ klasse de gemiddelde prevalentie van de overige verzekerden in het PKB toe. 4 Als een verzekerde niet in een andere klasse dan ‘Geen FKG psychische aandoeningen’ valt, deelt het Zorginstituut deze verzekerde in de klasse ‘Geen FKG psychische aandoeningen’ in. 5 Het Zorginstituut herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium FKG GGZ naar de macroverzekerdenraming.