1. Indien het inkomen van de bewaker/hondengeleider de laatstelijk genoten bezoldiging te boven gaat, wordt het meerdere in mindering gebracht op de compensatietoelage, bedoeld in artikel 5.
2. Onder het inkomen, bedoeld in het eerste lid, wordt verstaan de som van:
a. het salaris;
b. de compensatietoelage, bedoeld in artikel 5;
c. de toelage onregelmatige dienst, bedoeld in artikel 20 van het IBBAD;
d. de consignatietoelage, bedoeld in artikel 23 van het IBBAD;
e. de overwerkvergoeding, bedoeld in artikel 49 van het IBBAD;
f. de vakantieuitkering, bedoeld in artikel 43 van het IBBAD;
g. de eindejaarsuitkering, bedoeld in artikel 44 van het IBBAD, die de bewaker/hondengeleider geniet in de nieuwe functie waarop hij wordt tewerkgesteld.
3. Onder laatstelijk genoten bezoldiging als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan de som van:
a. het salaris;
b. de toelage onregelmatige dienst, bedoeld in artikel 20 van het IBBAD;
c. de afbouwtoelage consignatie en overwerk, bedoeld in artikel 3 van de RTBH;
d. de vakantieuitkering, bedoeld in artikel 43 van het IBBAD;
e. de eindejaarsuitkering, bedoeld in artikel 44 van het IBBAD, die de bewaker/hondengeleider laatstelijk genoot op de functie van bewaker/hondengeleider.
4. Indien de bewaker/hondengeleider in de nieuwe functie waarin hij is tewerkgesteld aanspraak heeft op een toelage onregelmatige dienst als bedoeld in
artikel 20 van het IBBAD, dan wordt de laatstelijk genoten bezoldiging, bedoeld in het tweede lid, voor de periode dat hij deze aanspraak geniet, verhoogd met een bedrag ter hoogte van € 90,76.
5. De laatstelijk genoten bezoldiging wordt periodiek bijgesteld aan de hand van de generieke salarisontwikkeling.