BWBR0039714
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 9
Beleidsregels toepassing Besluit onderstand BES 2017
Tegemoetkoming AOV-gerechtigden Geen andere versie om mee te vergelijken [Regeling vervallen per 08-02-2019] Een persoon die de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt en die een onvolledige AOV-uitkering heeft (dit kan bijvoorbeeld ook zijn een gekorte AOV-uitkering van één van de andere Koninkrijkslanden) kan in aanmerking komen voor aanvulling vanuit de algemene onderstand. Belanghebbende moet dan wel volledig aan de voorwaarden van de onderstand voldoen. Dit betekent dat getoetst wordt op inkomen en vermogen volgens de voorwaarden van het Besluit onderstand BES . Voor het berekenen van de hoogte van de onderstand wordt het in hoofdstuk 3 van het Besluit onderstand BES neergelegde systeem van toeslagen gevolgd. Dit betekent dat er bovenop het basisbedrag recht kan zijn op de toeslag voor zelfstandig wonen, de toeslag voor een gezamenlijke huishouding, of de kindertoeslag. De toeslag bij volledig en duurzame arbeidsongeschiktheid wordt in elk geval bij de uitkering betrokken, omdat volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid op grond van leeftijd en zonder daaraan voorafgaande medische keuring wordt aangenomen. In geval van een alleenstaande pensioengerechtigde kunnen onderstand, gekorte AOV-uitkering en overige inkomsten tezamen het niveau van een ongekorte ‘enkelvoudige’ AOV-uitkering niet overstijgen. Bij overschrijding wordt het meerdere op de aanvulling vanuit de onderstand in mindering gebracht. Het niveau onderstand voor een alleenstaande die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is geldt als bovengrens, wat gelijk staat aan het volledige AOV-bedrag. In geval van een gehuwde of daarmee gelijk gestelde pensioengerechtigde wordt deze bovengrens verhoogd met de toeslag gezamenlijke huishouding. Zoals in alle gevallen waarin onderstand wordt verleend aan een aanvrager met een partner, wordt ook in deze situatie uiteraard het inkomen van de partner betrokken bij het bepalen van het recht op en de hoogte van de onderstand. Voor gehuwden van wie de huwelijkspartner de AOV-gerechtigde leeftijd nog niet heeft bereikt, bestaat recht op een AOV-partnertoeslag. Doordat deze toeslag, net als de AOV-uitkering, een korting wegens niet verzekerde jaren kent, kan het zijn dat AOV-uitkering plus AOV-partnertoeslag onder vorenbedoelde bovengrens liggen waardoor recht op onderstand kan bestaan. In dat geval dienen uiteraard zowel AOV-uitkering als AOV-partnertoeslag als middelen te worden aangemerkt. Indien de (huwelijks)partner nog niet de AOV-leeftijd heeft bereikt, wordt hem/haar als regel de plicht tot opgelegd. Het recht op algemene onderstand aan personen met een gekorte AOV-uitkering op grond van de onderhavige beleidsregel, komt te vervallen indien de belanghebbende zonder toestemming van de RCN-unit SZW het eiland verlaat, waar hem de uitkering wordt verstrekt. Grondslag: Artikel 12, eerste lid, Besluit onderstand BES (op basis van individuele beoordeling afstemmen van de onderstand op de omstandigheden, mogelijkheden en middelen van de belanghebbende).