BWBR0038662
Geldig vanaf 2017-01-01
Artikel 3.27
Besluit natuurbescherming
1. Degene die een levend gefokt dier of een levende gekweekte plant onder zich heeft, houdt een administratie bij met betrekking tot dat dier of die plant, indien het dier of de plant behoort tot:
a. de soorten genoemd in bijlage IV bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, met uitzondering van vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn;
b. de soorten, genoemd in bijlage A bij de CITES-basisverordening, met uitzondering van de in bijlage X bij de CITES-uitvoeringsverordening genoemde diersoorten en de hybriden daarvan;
c. de diersoorten, genoemd in bijlage B bij de CITES-basisverordening, met uitzondering van: 1°. gefokte vogels, die van een gesloten pootring zijn voorzien, en
2°. de soorten, genoemd in bijlage 2 bij dit besluit, of
1°. gefokte vogels, die van een gesloten pootring zijn voorzien, en
2°. de soorten, genoemd in bijlage 2 bij dit besluit, of
d. de kunstmatig gekweekte hybriden van niet van een annotatie voorziene soorten genoemd in bijlage A bij de CITES-basisverordening, voor zover voor die soorten een fytosanitair certificaat als bedoeld in artikel 17 van de CITES-uitvoeringsverordening is afgegeven.
2. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de administratie, bedoeld in het eerste lid. Deze regels kunnen onder meer betrekking hebben op:
a. de gegevens die worden geadministreerd;
b. de wijze waarop de administratie wordt bijgehouden, en
c. de bewaartermijn van de administratie.
3. Degene die een administratie als bedoeld in het eerste lid bijhoudt, verschaft desgevraagd inzage in die administratie aan in en op grond van <a href="/wet/BWBR0037552/artikel/7.1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7.1 van de wet</a>aangewezen ambtenaren.
4. Het eerste, tweede en derde lid zijn van overeenkomstige toepassing op degene die een uit het wild afkomstig levend dier van een soort, genoemd in bijlage B bij de CITES-basisverordening, onder zich heeft.
a. de soorten genoemd in bijlage IV bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, met uitzondering van vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn;
b. de soorten, genoemd in bijlage A bij de CITES-basisverordening, met uitzondering van de in bijlage X bij de CITES-uitvoeringsverordening genoemde diersoorten en de hybriden daarvan;
c. de diersoorten, genoemd in bijlage B bij de CITES-basisverordening, met uitzondering van: 1°. gefokte vogels, die van een gesloten pootring zijn voorzien, en
2°. de soorten, genoemd in bijlage 2 bij dit besluit, of
1°. gefokte vogels, die van een gesloten pootring zijn voorzien, en
2°. de soorten, genoemd in bijlage 2 bij dit besluit, of
d. de kunstmatig gekweekte hybriden van niet van een annotatie voorziene soorten genoemd in bijlage A bij de CITES-basisverordening, voor zover voor die soorten een fytosanitair certificaat als bedoeld in artikel 17 van de CITES-uitvoeringsverordening is afgegeven.
2. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de administratie, bedoeld in het eerste lid. Deze regels kunnen onder meer betrekking hebben op:
a. de gegevens die worden geadministreerd;
b. de wijze waarop de administratie wordt bijgehouden, en
c. de bewaartermijn van de administratie.
3. Degene die een administratie als bedoeld in het eerste lid bijhoudt, verschaft desgevraagd inzage in die administratie aan in en op grond van <a href="/wet/BWBR0037552/artikel/7.1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7.1 van de wet</a>aangewezen ambtenaren.
4. Het eerste, tweede en derde lid zijn van overeenkomstige toepassing op degene die een uit het wild afkomstig levend dier van een soort, genoemd in bijlage B bij de CITES-basisverordening, onder zich heeft.