1. Op aanvragen tot subsidieverlening op grond van de
Stimuleringsregeling energieprestatie huursectordie zijn ingediend vóór 1 juli 2016, wordt beslist met inachtneming van de Stimuleringsregeling energieprestatie huursector zoals die met ingang van 1 juli 2016 luidt.
2. Onverminderd het eerste lid geldt
artikel 5, tweede lid, onder o, niet voor aanvragen tot subsidieverlening op grond van de
Stimuleringsregeling energieprestatie huursectordie zijn ingediend vóór 1 juli 2016.
3. Beschikkingen tot subsidieverlening en beschikkingen tot subsidievaststelling op grond van de
Stimuleringsregeling energieprestatie huursectordie zijn gegeven vóór 1 juli 2016, worden ambtshalve gewijzigd met inachtneming van de Stimuleringsregeling energieprestatie huursector, zoals deze met ingang van die datum luidt.
4. Indien in een beschikking tot subsidieverlening op grond van de
Stimuleringsregeling energieprestatie huursectordie is gegeven vóór 1 juli 2016 voor een woning een te realiseren energie-index van ten hoogste 1,20 is genoemd, kan de subsidieontvanger tot en met 31 oktober 2016 een aanvraag indienen de beschikking tot subsidieverlening in die zin te wijzigen dat daarin een te realiseren energie-index van ten hoogste 0,80, 0,60 of 0,40 wordt genoemd. Op een zodanige aanvraag is het eerste lid van overeenkomstige toepassing.
5. De vaststelling van subsidie die vóór 1 juli 2016 is verleend geschiedt overeenkomstig de
Stimuleringsregeling energieprestatie huursectorzoals die met ingang van 1 juli 2016 luidt.