1. Op de eerste vordering van de in
artikel 159 van de Wegenverkeerswet 1994bedoelde personen is de bestuurder van een landbouw- of bosbouwtrekker of een motorrijtuig met beperkte snelheid verplicht dat motorrijtuig te doen stilhouden, alsmede het in artikel IV, eerste lid, van deze wet bedoelde certificaat van vakbekwaamheid behoorlijk ter inzage af te geven.
2. Op de eerste vordering van de in
artikel 159 van de Wegenverkeerswet 1994bedoelde personen zijn de in artikel VI, tweede lid, van deze wet bedoelde personen verplicht de in dat lid bedoelde pas behoorlijk ter inzage af te geven.
3. Overtreding van het eerste en tweede lid wordt als overtreding gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of een geldboete van de tweede categorie.