BWBR0035217
Geldig vanaf 2016-10-11
Artikel 1.32
Besluit houders van dieren
1. Onze Minister is de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van richtlijn 2003/99/EG.
2. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld voor de implementatie van richtlijn 2003/99/EGover de aanwezigheid van zoönosen en zoönoseverwekkers en antimicrobiële resistentie bij zoönoseverwekkers en andere verwekkers die een gevaar opleveren voor de volksgezondheid, met betrekking tot:
a. het doen van onderzoek;
b. het bewaren van gegevens, en
c. het ter beschikking stellen van onderzoeksresultaten.
3. De regels, bedoeld in het tweede lid, worden vastgesteld in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
2. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld voor de implementatie van richtlijn 2003/99/EGover de aanwezigheid van zoönosen en zoönoseverwekkers en antimicrobiële resistentie bij zoönoseverwekkers en andere verwekkers die een gevaar opleveren voor de volksgezondheid, met betrekking tot:
a. het doen van onderzoek;
b. het bewaren van gegevens, en
c. het ter beschikking stellen van onderzoeksresultaten.
3. De regels, bedoeld in het tweede lid, worden vastgesteld in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.