BWBR0035008
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 3:6
Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Expertisecentra voor het schooljaar 2013-2014
Gronden voor afwijzing vergoedingsverzoek ... 1 Het Participatiefonds wijst een vergoedingsverzoek in ieder geval af als: a. de werkgever het dienstverband beëindigt of het tijdelijk dienstverband niet voortzet op grond van een andere beëindigingsgrond dan genoemd in dit reglement; b. de werkgever zich, in strijd met artikel 60 in samenhang gelezen met artikel 62 van de WPO of in strijd met artikel 63 in samenhang gelezen met artikel 65 van de WEC , niet heeft onderworpen aan een uitspraak van de Commissie van Beroep; c. sprake is van een dienstverband in het kader van vervanging als bedoeld in paragraaf 1 , onder 35, waaraan een regulier dienstverband is voorafgegaan en de werkgever niet heeft voldaan aan het verzoek van het Participatiefonds om binnen acht weken alsnog een vergoedingsverzoek te doen in het kader van de beëindiging van het reguliere dienstverband; d. het vergoedingsverzoek van de werkgever onredelijk is. e. het beëindigen van een dienstverband of het niet voortzetten van een tijdelijk dienstverband in de risicosfeer van de werkgever valt. 2 Als het Participatiefonds de beschikking als bedoeld in het eerste lid neemt, deelt het de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap mee, dat de uitkeringskosten als bedoeld in artikel 138, derde lid, van de WPO of artikel 132, derde lid, van de WEC , niet ten laste van het Participatiefonds komen.